 |
 |
 Enkele spreuken die gelijk zijn aan Jesjoea.
Religie/Christendom | Zegen
|
18 Mei 2012 | 12:59:15
 |
Enkele Spreuken die gelijk zijn aan Jesjoea
De Spreuken hebben het ook over liefde tot de vijand en andere zaken. De wijsheid van Salomo was door God gegeven. En de Tora is ook door God aan Mozes gegeven, een volmaakte leer. Enige Spreuken die zo uit Jesjoea’s mond konden komen:
“Zeg niet: Ik zal het kwaad vergelden; wacht op de Here, Hij zal u helpen.” (Pr 20:22 NBG51)
“Als uw vijand valt, verheug u dan niet; als hij struikelt, jubele uw hart niet, opdat de Here het niet zie en het Hem mishage, zodat Hij zijn toorn van hem zou afwenden. Wees niet afgunstig op de boosdoeners noch naijverig op de goddelozen; want voor de boze is er geen toekomst, de lamp der goddelozen wordt uitgeblust.” (Pr 24:17-20 NBG51)
“Zeg niet: Zoals hij mij deed, zo zal ik hem doen; ik vergeld de man naar zijn doen.” (Pr 24:29 NBG51)
“Praal niet bij de koning, ga niet staan op de plaats der groten; want het is beter, dat men tot u zegt: Kom hierheen, hoger op! dan dat men u vernedere voor de aanzienlijke, die uw ogen hebben gezien.” (Pr 25:6-7 NBG51)
“Indien uw vijand honger heeft, geef hem brood te eten, indien hij dorst heeft, geef hem water te drinken; want dan hoopt gij vurige kolen op zijn hoofd, en de Here zal het u vergelden.” (Pr 25:21-22 NBG51)
|
|
|
 |
 shabbat shalom, gezegende week!
Religie/Christendom | Vrede van Jeruzalem
|
18 Mei 2012 | 12:48:05
 |
 shabbat shalom, gezegende week!
Adonai van Alle Leven
door Ruth Nessim
Adonai van alle leven en adem, hoog op Uw Troon,
U, de Schepper God, U hebt de uwen lief.
Naar de aarde bent U gekomen,
De blinden, de doven, de lammen,
En zondaren terug te claimen;
Gezegend is Uw Naam.
Aan dat gruwelijke hout gaf u uw leven, mijn Redder Adonai;
God’s wraak door het Bloed dat uit werd gegoten verzoend;
Mijn leven van zonde gered.
Bracht Yeshua naar het graf;
Voor mij gaf Hij het leven;
Gezegend is Zijn Naam.
Nu geheven in de hoge, mijn Redder leeft;
Nog steeds geeft Hij leven aan Zijn uitverkorenen.
Daar bij God’s Troon pleit Hij;
Bemiddeld Hij;
Nood van de mensen lenigt Hij;
Gezegend is Zijn Naam.
|
|
|
 |
 Hemelvaart
Religie/Christendom | Zegen
|
17 Mei 2012 | 16:58:01
 |
|
Hemelvaart
------------
Opgevaren naar de hemel.
Jezus ging
met geheven handen
van vlees en bloed,
vernieuwd door de Vader.
Nu is alles weer goed,
-voor die het aanvaarden-
tussen God en mensen.
Jezus ging,
losgelaten door de aarde,
naar ’s Vaders huis,
de zwaartekracht voorbij,
gedreven door een wolk,
als laatste woord zei Hij,
Wacht op mijn Geest.
Jezus ging,
engelen waren er bij,
zij vertelden zijn geliefden,
zij vertellen jou en mij,
eens komt Hij weer,
dan zal elk oog Hem zien
Hij daalt op de wolken neer.
Hij zond zijn Geest,
een onderpand voor ’t Leven
heeft Hij ons gegeven.
Altijd met Hem verbonden
in hemel en op aard.
Tot aan je laatste stonde
wordt je door Hem bewaard.
------------
|
|
|
 |
 Door Sebastian Vilar Rodrigez, Spaanse schrijfer, Holocaust
Religie/Christendom | Gebed
|
12 Mei 2012 | 13:37:27
 |
Door Sébastien Vilar Rodrigez, Spaanse schrijver.
Onderstaande is 15 Januari 2008 gepubliceerd in een Spaanse krant.
Ik wandelde in Barcelona over straat, en ontdekte plots een verschrikkelijke
waarheid - Europa is gestorven in Auschwitz... We hebben er zes miljoen
Joden gedood en ze vervangen door 20 miljoen moslims.
In Auschwitz hebben we een cultuur verbrand, het denken, de creativiteit,
het talent. We hebben het uitverkoren volk vernietigd, dat werkelijk gekozen
was want ze hebben formidabele mensen voortgebracht die de wereld hebben
veranderd.
De bijdrage van dit volk is voelbaar in alle domeinen van het leven :
wetenschap, kunst, internationale handel, en vooral als het geweten van de
wereld. Dat zijn de mensen die wij hebben verbrand.
Onder het voorwendsel van de verdraagzaamheid en omdat we aan onszelf wilden
bewijzen dat we genezen zijn van de kwaal van het racisme, hebben we de
deuren wijd opengezet voor 20 miljoen moslims die ons domheid en
onwetendheid hebben gebracht, religieus extremisme en onverdraagzaamheid,
criminaliteit en armoede als gevolg van het ontbreken van de wil om te
werken en van de trots om zelf hun gezinnen te onderhouden.
Ze hebben onze treinen opgeblazen en hebben onze fraaie Spaanse steden
veranderd in een onderontwikkeld gebied, tenondergaand in rotzooi en
misdadigheid.
In de appartementen die ze gratis van de regering krijgen, maken ze plannen
om hun naïeve gastheren te vermoorden en te vernietigen.
En zo hebben wij in onze ellende cultuur ingeruild voor fanatieke haat;
creatieve kunde voor kennis van de vernietiging, intelligentie voor de
terugkeer naar het bijgeloof. Wij hebben het streven naar vrede van de
Europese Joden en hun streven naar een betere toekomst voor hun kinderen,
hun vastberadenheid om zich vast te klampen aan het leven (want het leven is
heilig) ingeruild voor een streven naar de dood, voor diegenen die verteerd
worden door doodsverlangen voor zichzelf en voor anderen, voor hun eigen
kinderen en de onze.
Wat een verschrikkelijke vergissing heeft het ellendige Europa begaan...
De wereld telt ongeveer 1,2 miljard moslims of 20% van de wereldbevolking.
Ze hebben de volgende Nobelprijzen ontvangen:
Literatuur :
1988 - Najib Mahfouz
Vrede :
1978 - Mohamed Anwar El-Sadat
1990 - Elias James Corey
1994 - Yasser Arafat:
1999 - Ahmed Zewai
Economie :
(geen)
Fysica :
(geen)
Geneeskunde :
1960 - Peter Medawar Brian
1998 - Ferid Mourad
TOTAAL : 7 (zeven)
De Joden zijn wereldwijd ongeveer met 14 miljoen, hetzij ongeveer 0,02% van
de wereldbevolking.
Zij ontvingen volgende Nobelprijzen:
Literatuur :
1910 - Paul Heyse
1927 - Henri Bergson
1958 - Boris Pasternak
1966 - Shmuel Yosef Agnon
1966 - Nelly Sachs
1976 - Saul Bellow
1978 - Isaac Bashevis Singer
1981 - Elias Canetti
1987 - Joseph Brodsky
1991 - Nadine Gordimer mondiale
Vrede :
1911 - Alfred Fried
1911 - Tobias Michael Carel Asser
1968 - René Cassin
1973 - Henry Kissinger
1978 - Menahem Begin
1986 - Elie Wiesel
1994 - Shimon Pérès
1994 - Yitzhak Rabin
Fysica :
1905 - Adolph von Baeyer
1906 - Henri Moissan
1907 - Albert Abraham Michelson
1908 - Gabriel Lippmann
1910 - Otto Wallach
1915 - Richard Willstaetter
1918 - Fritz Haber
1921 - Albert Einstein
1922 - Niels Bohr
1925 - James Franck
1925 - Gustav Hertz
1943 - Gustav Stern
1943 - George Charles de Hevesy
1944 - Isidor Rabi Issac
1952 - Felix Bloch
1954 - Max Born
1958 - Igor Tamm
1959 - Emilio Segre
1960 - Donald A. Glaser
1961 - Robert Hofstadter
1961 - Melvin Calvin
1962 - Lev Davidovich Landau
1962 - Max Ferdinand Perutz
1965 - Richard Phillips Feynman
1965 - Julian Schwinger
1969 - Murray Gell-Mann
1971 - Dennis Gabor
1972 - William Howard Stein
1973 - Brian David Josephson
1975 - Benjamin Mottleson
1976 - Burton Richter
1977 - Ilya Prigogine
1978 - Arno Allan Penzias
1978 - Peter L Kapitza
1979 - Stephen Weinberg
1979 - Sheldon Glashow
1979 - Herbert Charles Brown
1980 - Paul Berg
1980 - Walter Gilbert
1981 - Roald Hoffmann
1982 - Aaron Klug
1985 - Albert A. Hauptman
1985 - Jerome Karle
1986 - Dudley R. Herschbach
1988 - Robert Huber
1988 - Leon Lederman
1988 - Melvin Schwartz
1988 - Jack Steinberger
1989 - Sidney Altman
1990 - Jerome Friedman
1992 - Rudolph Marcus
1995 - Martin Perl
2000 - Alan J. Heeger
Economie :
1970 - Paul Anthony Samuelson
1971 - Simon Kuznets
1972 - Kenneth Joseph Flèche
1975 - Leonid Kantorovitch
1976 - Milton Friedman
1978 - Herbert A. Simon
1980 - Laurent Robert Klein
1985 - Franco Modigliani
1987 - Robert M. Solow
1990 - Harry Markowitz
1990 - Merton Miller
1992 - Gary Becker
1993 - Robert Fogel
Geneeskunde :
1908 - Elie Metchnikoff
1908 - Paul Erlich
1914 - Robert Barany
1922 - Otto Meyerhof
1930 - Karl Landsteiner
1931 - Otto Warburg
1936 - Otto Loewi
1944 - Joseph Erlanger
1944 - Herbert Spencer Gasser
1945 - Ernst Boris Chain
1946 - Hermann Joseph Muller
1950 - Tadeus Reichstein
1952 - Selman Abraham Waksman
1953 - Hans Krebs
1953 - Fritz Albert Lipmann
1958 - Joshua Lederberg
1959 - Arthur Kornberg
1964 - Konrad Bloch
1965 - François Jacob
1965 - André Lwoff
1967 - George Wald
1968 - Marshall W. Nirenberg
1969 - Salvador Luria
1970 - Julius Axelrod
1970 - Sir Bernard Katz
1972 - Gerald Maurice Edelman
1975 - Howard Martin Temin
1976 - Baruch S. Blumberg
1977 - Roselyn Sussman Yalow
1978 - Daniel Nathans
1980 - Baruj Benacerraf
1984 - Cesar Milstein
1985 - Michael Stuart Brown
1985 - Joseph L. Goldstein
1986 - Stanley Cohen [& Rita Levi-Montalcini]
1988 - Gertrude Elion
1989 - Harold Varmus
1991 - Erwin Neher
1991 - Bert Sakmann
1993 - Richard J. Roberts
1993 - Phillip Sharp
1994 - Alfred Gilman
1995 - Edward B. Lewis
1996 - Lu RoseIacovino
TOTAAL : 129
Joden promoten het hersenspoelen van kinderen in militaire trainingskampen
niet.
Ze leren hen niet om zichzelf op te blazen en een maximaal aantal Joden en
anderen te doden.
Joden kapen geen vliegtuigen, doden geen atleten tijdens de Olympische Spelen
en blazen zichzelf niet op in Duitse restaurants. Geen enkele Jood heeft
ooit een kerk vernield. Geen enkele Jood uit zijn ongenoegen door mensen om
te brengen. Joden doen niet aan slavenhandel en hebben geen leiders die
oproepen tot de Jihad en het doden van alle ongelovigen.
Misschien zouden de moslims van deze wereld moeten overwegen om zich meer in
te spannen op gebied van het gewone onderwijs en minder te klagen dat de
Joden de oorzaak zijn van al hun problemen. Moslims zouden zich eens moeten
afvragen wat zijzelf voor de mensheid kunnen betekenen alvorens te eisen dat
de mensheid hen respect betuigt.
Onafgezien van hoe u staat tegenover de crisis tussen Israel, de Palestijnen
en de omringende Arabische landen, en zelfs als u gelooft dat Israel daar de
meeste schuld aan heeft, zeggen de volgende twee zinnen werkelijk alles :
«Als de Arabieren vandaag de wapens neerleggen, is er geen geweld meer.
Als de Joden vandaag de wapens neerleggen, is er geen Israel meer.»
Benjamin Netanyahu
Generaal Eisenhower heeft ons gewaarschuwd: het is een historisch feit. Toen
de opperbevelhebber van de geallieerden, generaal Dwight Eisenhower, de
slachtoffers van de uitroeiingskampen aantrof, gaf hij de opdracht om zoveel
mogelijk foto's te laten maken door het Duitse volk uit de omliggende
dorpen, om hen de kampen te laten bezoeken en zelfs de doden te laten
begraven. Hij deed dit met woorden van de volgende strekking: « Verzamel nu
alle dossiers en alle documenten - neem de films in beslag - laat de
getuigen spreken - want ooit in de loop van de geschiedenis zullen er
smeerlappen opstaan die zullen beweren dat dit alles nooit is gebeurd…»
Onlangs werd in het Verenigd Koninkrijk de discussie gevoerd of de Shoah uit
de schoolboeken moest worden geschrapt, daar dit «beledigend» was voor de
moslimbevolking die volhoudt dat dit alles nooit heeft plaatsgevonden. Het
is voorlopig niet geschrapt... maar het is een angstaanjagend teken van de
vrees die de wereld verlamt en van hoe gemakkelijk ieder land zich daardoor
laat verlammen. Het is maar iets meer dan 60 jaar geleden dat er een einde
kwam aan WO II in Europa...
Deze e-mail is bedoeld als een herdenkingsketting,
ter herinnering aan 6 miljoen Joden,
20 miljoen Russen,
10 miljoen christenen,
en 1900 katholieke priesters
die werden vermoord, verkracht, verbrand, uitgehongerd, vernederd en als
proefdieren gebruikt
terwijl het Duitse volk de andere kant op keek.
Nu meer dan ooit, nu onder meer Iran volhoudt dat de holocaust «een mythe»
was, moeten wij ervoor zorgen dat de wereld nooit vergeet.
Deze boodschap zou 400 miljoen mensen moeten bereiken… Weest een schakel in
deze ketting en help deze boodschap wereldwijd te verspreiden.
[media id=1494351452YynA size=xlarge]
Hoeveel jaar zal het nog duren voor de aanslagen op de WTC-torens «nooit
zullen hebben plaatsgevonden» omdat dit beledigend is voor de moslims in de
VS?
|
|
|
 |
 Sion
Religie/Christendom | Zegen
|
11 Mei 2012 | 11:01:10
 |
Sion wordt ook in Openbaringen genoemd: "En ik zag, en ziet, het Lam stond op de berg Sion, en met Hem honderd vier en veertig duizend, hebbende de Naam van Zijn Vader geschreven aan hun voorhoofden. En ik hoorde een stem uit de hemel, als een stem van vele wateren, en als een stem van een grote donderslag. En ik hoorde een stem van citerspelers, spelende op hun citers; En zij zongen als een nieuw gezang voor de troon, en voor de vier dieren, en de ouderlingen; en niemand kon dat gezang leren, dan de honderd vier en veertig duizend, die van de aarde gekocht waren. Dezen zijn het, die met vrouwen niet bevlekt zijn, want zij zijn maagden; dezen zijn het, die het Lam volgen, waar Het ook heengaat; dezen zijn gekocht uit de mensen, tot eerstelingen voor God* Dat is, opdat zij Gode en het Lam heilig en eigen zouden zijn, gelijk de eerstelingen der vruchten Gode moesten geheiligd en toegeëigend worden. Zie Lev. 23:10; Num. 15:20] en het Lam, En in hun mond is geen bedrog gevonden; want zij zijn onberispelijk voor de troon van God." (Op. 14: 1-5) |
|
|
 |
 God heeft u lief
Religie/Algemeen | Zegen
|
09 Mei 2012 | 16:50:37
 |
“En een der schriftgeleerden, tot Hem komende, hoorde, dat zij met elkander redetwistten, en overtuigd, dat Hij hun goed geantwoord had, vroeg hij Hem: Welk gebod is het eerste van alle? Jezus antwoordde: Het eerste is: Hoor, Israël, de Here, onze God, de Here is één, en gij zult de Here, uw God, liefhebben… (Mk. 12:28-30) |
|
|
 |
 een nieuw hart..................
Religie/Christendom | Gebed
|
07 Mei 2012 | 12:02:54
 |
'Een nieuw hart zal Ik u geven en een nieuwe geest in uw binnenste; het hart van steen zal Ik uit uw lichaam verwijderen en Ik zal u een hart van vlees geven.'
Ezechiël 36:26 (NBG)
Bewogen – Bevlogen – Betrokken
Prachtige woorden. Ze passen bij elkaar. Ja, het zijn mooie woorden. Maar aan alleen woorden heb je niets.
En aan één van deze drie woorden alleen heb je al helemaal niets. Want:
Betrokkenheid zonder bevlogenheid = Leeg
Bevlogenheid zonder betrokkenheid = Leeg
Bewogenheid zonder bevlogenheid + betrokkenheid = Leeg
Van alle drie komt niets terecht zonder de andere:
Bewogenheid zonder bevlogenheid en betrokkenheid (concrete actie) is prachtig, ontroerend, maar verandert niets aan de zaak waarmee je bewogen bent. Als het je niet aanzet tot actie is bewogenheid slechts een mooi gebaar waar je uiteindelijk zelf moe en mogelijk fatalistisch en depressief van wordt. Met alleen bewogenheid kun je zelfs je geloof verliezen, vraag je je af waarom God niets aan de ellende in de wereld doet!
Bevlogenheid zonder betrokkenheid zet geen zoden aan de dijk. Mooie plannen, leuke ideeën, romantische idealen, geweldig enthousiasme, maar als je uitgedroomd bent nemen de mensen je met een korreltje zout.
Betrokkenheid zonder bevlogenheid zorgt dat we ons uit de naad werken zonder dat we enthousiast en gemotiveerd zijn voor wat we doen. Het maakt ons dwangmatig en wettisch, we werken uit verplichting of schuldgevoel. Zoiets houd je niet lang vol.
Deze drie woorden kunnen dus niet zonder elkaar.
Toch vinden wij vaak dat gewoon hard werken wel degelijk waarde heeft. Het werk gebeurt toch? Daar hoef je op zich helemaal niet zo bewogen of bevlogen voor te zijn, als er maar gewerkt wordt.
1 Korintiërs 13 zegt:
'Al sprak ik de talen van alle mensen en die van de engelen – had ik de liefde niet, ik zou niet meer zijn dan een dreunende gong of een schelle cimbaal.
Al had ik de gave om te profeteren en doorgrondde ik alle geheimen, al bezat ik alle kennis en had ik het geloof dat bergen kan verplaatsen – had ik de liefde niet, ik zou niets zijn.
Al verkocht ik mijn bezittingen omdat ik voedsel aan de armen wilde geven, al gaf ik mijn lichaam prijs en kon ik daar trots op zijn – had ik de liefde niet, het zou mij niet baten.'
Zonder liefde, zonder bewogenheid uit liefde heeft al het werken en praten geen waarde. Wat een enorm hoge standaard legt God neer voor ieder die Hem wil eren en dienen in de dagelijkse praktijk. Een standaard om u tegen te zeggen!
God legt die standaard niet alleen voor ons neer, Hij leeft hem ons voor. Noem maar eens één gelegenheid in de Bijbel waarin God handelde of sprak, waarbij ten diepste liefde niet zijn drijfveer was. Noem eens één voorval in de Bijbel waarin Jezus vanuit iets anders dan liefde in actie kwam.
Zelfs goddelijke toorn, afgunst en wraak zijn gestoeld op en komen voort uit (diep gekrenkte) liefde en Gods verlangen dat mensen Hem zouden zoeken, eren en liefhebben en dat zij respectvol met zijn schepping omgaan, want God houdt van zijn schepping.
Als bij God alles ten diepste voortkomt uit liefde, hoe willen wij dan werken en spreken zonder liefde, zonder bewogenheid? Is dat handelen naar Gods beeld? Is dat worden als Jezus?
'En Hij werd met ontferming bewogen.'* Deze prachtige woorden gaan over Jezus. Maar wie alleen deze woorden leest, mist iets heel belangrijks. Elke keer dat er namelijk in de Bijbel staat dat God of Jezus met ontferming bewogen is, blijft het daar niet bij. Er volgt actie!
Gelukkig maar, anders waren wij nog steeds voor eeuwig verloren! Jezus kwam in actie – zette bewogenheid om in bevlogenheid en betrokkenheid. En vraagt ons zijn voorbeeld te volgen.
Maar dat kunnen we toch helemaal niet, dat is toch onmogelijk?
Een meisje dat onlangs terugkwam van een korte zendingsreis schreef heel eerlijk: 'Jezus gaf alles voor deze mensen, Zijn leven. Ten diepste wil ik alleen geven wat ik over heb of kwijt wil en dan vooral aan de mensen waarvan ik houd en de rest scheelt me niet zoveel.'
Nee, Jezus' voorbeeld volgen, dat lukt geen mens – tenminste niet uit zichzelf. En niet naar de standaard die God neerlegt. God weet dat. Hij weet dat ons hart niet bewogen kan zijn zoals het Zijne. Hij zegt:
'Een nieuw hart zal Ik u geven en een nieuwe geest in uw binnenste; het hart van steen zal Ik uit uw lichaam verwijderen en Ik zal u een hart van vlees geven.' (Ezechiël 36:26)
Met een hart van steen kun je 'bewogenheid-bevlogenheid-betrokkenheid' wel op je buik schrijven, want een hart van steen reageert niet gevoelig op Gods liefde en nood van mensen. Steen is keihard, dood. Wat je er ook in graveert het zal de steen niet van binnen raken of veranderen. Daarom moet ons hart van steen er uit.
Als God bij jou een harttransplantatie uitvoert, verwijdert Hij jouw hart van steen en plant Hij in jou een nieuw hart van vlees. Gods Geest brengt het hart tot leven, maakt het van binnenuit zacht en kneedt het naar het beeld van Jezus. Dan
groeit in jou liefde voor God en
bewogenheid voor mensen om je heen,
ontvang je wijsheid in bevlogenheid en
kracht voor betrokkenheid.
* bijv. Mattheüs 9:36; 14:14; 20:34; Lukas 7:13.
Wil je meer lezen?
Mattheüs 9:36; 14:14; 20:34; Lukas 7:13;
Romeinen 10:9-15
1 Corinthiërs 15:58
'Kortom, geliefde broeders en zusters, wees standvastig en onwankelbaar en zet u altijd volledig in voor het werk van de Heer, in het besef dat door de Heer uw inspanningen nooit tevergeefs zijn.' |
|
|
 |
 shabbat shalom, een gezegende week!
Religie/Christendom | Zegen
|
04 Mei 2012 | 15:35:51
 |
De Redder in al je nood
Is er een uitweg
een weg om uit je problemen te komen?
Is er een makkelijke weg
een weg om voor eeuwig bij de Heer te wonen?
Waar is De Hand
De Hand die je kan leiden?
Wie is Diegene
Diegene die je kan bevrijden?
Wie zal je opvangen
Je opvangen als je valt?
Wie zal er voor je zijn
Als iets je tegenvalt?
Waarom is er duisternis
Duisternis die je blind maakt?
Daarom is er het Licht
Het Licht dat je vrij maakt.
Wie is Hij
Hij die onze zonden heeft gedragen?
Het is God alleen
Die antwoord heeft op al je vragen.
God is je redding
je redding in al je nood.
Hij alleen kan je redden
redden van de dood.
Steun niet op de mens,
Bouw niet op hen.
De Eeuwige weet alleen
Hij alleen weet wie je bent.
Al voel je je zo
zo alleen en verlaten.
Is er niemand
niemand waarmee je kan praten?
God is er altijd voor je,
Hij is er en zal er altijd zijn.
Hij is het die je begrijpt,
Al je leed en je pijn.
Al lijken veel dingen voor je onmogelijk,
Bij God alleen is alles mogelijk.
Hij alleen heeft het beste met je voor
en weet wat je toebehoort. |
|
|
|
 |
 shabbat shalom, gezegende zondag en week
Religie/Christendom | Zegen
|
27 April 2012 | 11:33:12
 |
BEVESTIGING
Onzeker zette ik voet op Uw pad.
Onvolmaakt en onvolkomen volg ik….
angstig, blij, onzeker.
Zoekend naar bevestiging.
Niet gewend aan zekerheid.
Val ik, struikel ik, loop ik ….
zoekend, naar bevestiging.
Van wie?, van U… ja van U!
Zoek ik het bij mensen….
niet gewend aan zekerheid…
Zoek ik het bij hen.
Gewend aan het tekort…
Erken ik niet mijn G’d.
De volle bron van zekerheid.
Al zoekend naar bevestiging…
ga ik dan aan U voorbij.
Niemand kan jouw zekerheden vullen.
Dan degene die jou schiep.
Roepend, wenend wend ik mij tot U.
Bevestig U, mijn G’d, het werk van mijn handen…
bevestig het werk van mijn handen.
Bevestig mij in U!
Bevestig Uw vrede in ons.
Dan zullen wij goede dagen zien.
Bevestig ons in Uw rust…
in Uw zekerheid.
Bevestig ons in U.
Bevestig het werk van onze handen….bevestig dat!
Psalm 90:11, 17, 15.
Wie kent de kracht van Uw toorn, wie vreest oprecht Uw woede.
Laat ons Uw genade zien.
Eeuwige onze G’d, bevestig het werk van onze handen,
het werk van onze handen bevestig dat.
Geef ons vreugde, vergoed de dagen dat U ons kwelde. |
|
|
 |
 Efeze 3
Religie/Christendom | Zegen
|
22 April 2012 | 22:59:35
 |
In Christus Jezus, onze Heere,
hebben wij de vrijmoedigheid en de toegang
met vertrouwen
door het geloof in Hem.
Om deze oorzaak buig ik mijn knieen
tot den Vader van onzen Heere Jezus Christus.
....
opdat Hij u geve,
naar de rijkdom van Zijn heerlijkheid,
met kracht versterkt te worden door Zijn Geest,
in de inwendige mens.
opdat Christus door het geloof in uw harten wone,
en gij in de liefde gewordteld en gegrond zijt;
opdat gij ten volle kon begrijpen,
welke de breedte en lengte en diepte en hoogte is.
en bekennen de liefde van christus,
die de kennis te boven gaat,
opdat gij vervuld wordt tot al de volheid Gods.
Hem nu die machtig is
meer dan overvloediglijk te doen
boven al wat wij bidden of denken,
naar de kracht die in ons werkt;
Hem zeg ik,
zij de heerlijkheid in de gemeente
door Christus Jezus.
(meer dan overvloedig te doen boven al wat wij kunnen bidden of bedenken; )
|
|
|
 |
 sabbat shalom, gezegende zondag en week!
Religie/Christendom | Zegen
|
20 April 2012 | 12:40:12
 |
Parasja Kie tawo (Wanneer jullie komen)
Zesde troosthaftara Jesaja 60: 1-22
Lo - Ruchama en Lo - Ammi
Lo - Ruchama
Zonder ontferming
Lo - Ammi
Niet van U
Verloren onschuld
Gestolen of gegeven
Baarmoeder in bezit genomen
Leven bedreigd door de dood
Wordt in Mij opnieuw geboren Johannes 3
Omgeven door Mijn veiligheid
Beschermd, gevoed en onaantastbaar
Leven tot in Eeuwigheid
Omsluiting zonder te benauwen
Hoor de Hartslag van Mijn Hart
Speciaal met jou verbonden
In het diepste van Mijn Zijn
Vlees uit vlees geboren
Rouwen om wat is geweest
Leven uit het Nieuwe Leven
Geest geboren uit de Geest
Zeg tot uw broeders: Ammi
En tot uw zusters: Ruchama
Dan zal Ik haar voor Mij zaaien in het land
en Mij ontfermen over Lo – Ruchama
en tot Lo – Ammi zeggen:
Gij zijt Mijn Volk en hij zal zeggen:
Mijn God.
Hosea 1:12 & 2: 22
|
|
|
 |
 shabbat shalom, fijne zondag en week!
Religie/Christendom | Vrede van Jeruzalem
|
13 April 2012 | 14:50:42
 |
 Dit is het lied van het joodse kind, het ene,
dat mij verschijnt dag en nacht,
dat mij geen rust gunt.
Het leert mij alef en beth.
Het reikt mij charoseth.
Het ontsteekt met sabbat de kaars
en blijft tot de derde ster.
U hebt zijn woorden in mij gebrand.
Niemand kan ze doven.
Ze worden gespeld van rechts naar links.
Luidkeels laaien ze op:
‘Hoe heet je? Waar was je?
Wie ben je?
Hoe kan ik je vinden?’
Dit is het lied van het joodse kind, het ene
dat mij blijft aanzien,
dat mij vraagt naar mijn naam.
Uit: Psalmen van een vrouw
|
|
|
 |
 Stel vrede, goed heid en zegen.........
Religie/Jodendom | Vrede van Jeruzalem
|
09 April 2012 | 23:18:30
 |
"Stel vrede, goedheid en zegen,
genade, verbondenheid en erbarmen
over ons en over heel uw volk Israël.
Zegen ons, onze Vader, ons allen als één
in het licht van Uw aangezicht,
want in het licht van Uw aangezicht
hebt U ons gegeven, Heer onze God,
de Torah des levens,
en de liefde der verbondenheid,
gerechtigheid en zegen, erbarmen en leven en vrede.
En goed is het in Uw ogen
om Uw volk Israël te zegenen te allen tijde, elk uur, met Uw vrede.
Gezegend Gij, Heer, die zijn volk Israël zegent met vrede."
|
|
|
 |
 Global March to Jeruzalem werd een afgang!
Gebed
|
02 April 2012 | 11:37:42
 |
'Global March to Jeruzalem' werd een afgang
Nog geen 100.000 deelnemers trok de mars tegen Israël, waaraan oorspronkelijk meer dan 2 miljoen mensen uit de hele regio zouden deelnemen. Er waren enkele kleine botsingen van Palestijnse demonstranten met de IDF.
Naar verwachting zouden maar liefst twee miljoen Arabieren en buitenlandse pro-Palestijnse activisten de grenzen van Israël van alle kanten bestormen en Jeruzalem binnendringen, om te protesteren tegen de 'Judaisering' van de stad. Zelfs Israël nam de dreiging serieus, en hield een groot aantal reservisten beschikbaar die konden worden opgeroepen. Maar uiteindelijk bleek de Global March to Jerusalem een afgang.
Enkele duizenden mensen verzamelden zich op plaatsen in Libanon, Jordanië, Syrië, Gaza en door de Palestijnse Autoriteit gecontroleerde gebieden van Judea en Samaria voor protesten. Maar de aantallen waren veel kleiner dan die waarmee oorspronkelijk was gedreigd, en de meeste Israëli's merkten nauwelijks dat er een protest gaande was.
Jordanië
De opvallendste protesten buiten Israël gebeurden in buurland Jordanië, Het aantal deelnemers wordt er geschat op 30.000 tot 40.000. Een handvol Jordaanse jongeren probeerde de grens met Israël over te steken, maar werd tegengehouden door de Jordaanse politie.
Opvallen was, dat een aantal Joden die de kant van de vijanden van hun land hadden gekozen, toch werden aangevallen door de plaatselijke Moslims. Een delegatie van de anti-zionistische Neturei Karta beweging, meest Amerikanen, was aanwezig bij protesten in Jordanië en Libanon. Aan het begin van de manifestatie in Jordanië werden vier leden van Neturei Karta geslagen door Jordaanse Arabieren, voordat andere deelnemers hen redden.
Libanon en Syrië
In Libanon kwamen niet meer dan 7.000 deelnemers bijeen bij het kruisvaardersfort Beaufort, in de buurt van noordgrens van Israël, om vurige toespraken te beluisteren van Hezbollah, Hamas en functionarissen van de Palestijnse Autoriteit.
De opkomst in het door oorlog verscheurde Syrië was te verwaarlozen, slechts een paar honderd mensen kwamen bijeen in Damascus om anti-Israëlische leuzen te roepen.
Gaza en de Westbank
De situatie was wat meer gespannen in Gaza en de door de PA gecontroleerde delen van Judea en Samaria.
In Gaza probeerden duizenden Arabische demonstranten het veiligheidshek te naderen, dat de door Hamas geregeerde kuststrook scheidt van het zuiden van Israël. Ten minste 29 mensen raakten gewond en één man werd gedood bij botsingen met Israëlische soldaten, die langs het veiligheidshek waren gestationeerd.
In de Westbank raakte een aantal demonstranten gewond, en Israëlische militairen arresteerden 34 gewelddadige activisten. De hevigste actie had plaats bij de controlepost Kalandiya, ten noorden van Jeruzalem, waar demonstranten stenen en brandbommen gooiden naar Israëlische soldaten. Deze reageerden met diverse crowd control wapens, waaronder traangas, harde knallen en stinkend water.
Israëlische militaire functionarissen noemden de demonstraties niet bijzonder ernstig, en waren ingenomen met hoe het leger de situatie had aangepakt.
Ondanks de lage aantal slachtoffers en de lage opkomst voor de 'Landdag' manifestaties, vond Amnesty International het nog steeds nodig om, zoals ze het noemden, Israël's gebruik van 'buitensporig geweld' tegen de demonstranten openlijk te veroordelen.
De organisatoren van de Global March to Jerusalem wilden niet erkennen dat hun stunt grotendeels uiteengevallen was tot kleine lokale protesten, en noemden het een groot succes. De leidende coördinator Ribhi Halloum beweerde dat activisten uit 84 landen er aan hadden deelgenomen, en dat het aantal vertegenwoordigde landen veel belangrijker was dan het totale aantal deelnemers.
Ryan Jones
Bron: IsraelToday |
|
|
 |
 Delete
Religie/Christendom | Gebed
|
01 April 2012 | 14:26:27
 |
'Hij heeft het document met voorschriften waarin wij werden aangeklaagd, uitgewist en het vernietigd door het aan het kruis te nagelen.'
Kolossenzen 2:14 (NBV)
Op mijn computer zit een knopje dat heel handig en heel lastig kan zijn. DELETE staat er op. Handig, als ik ongewenste berichten, mislukte foto's of overbodige bestanden wil wissen. Lastig, als ik er per ongeluk op druk en ik op die manier iets kwijtraak wat ik niet kwijt wil.
Eén druk op dat knopje en weg zijn ze. Voorgoed.
Voorgoed? Nou nee, ik weet heel goed dat de digibeten onder ons zulke gewiste bestanden best wel weer boven water kunnen halen. Altijd handig als er sprake is van een misstand, een misdaad die aan de hand van zulke boven water gehaalde gewiste bestanden bewezen en bestraft kan worden.
Ik zou ook wel zo'n knopje in mijn leven willen hebben. Als ik weer een iets stoms, doms of faliekant fouts heb gedaan, zou ik het best handig vinden als ik met een druk op de knop al die blunders kon wissen - voorgoed. Maar zo werkt het niet. Ik maak fouten, die ik niet ongedaan kan maken en daarom is er een aanklacht tegen mij ingediend.
Terecht. Ik heb gezondigd. Meer dan eens. Ik zondig nog elke dag. En ik weet dat op grond van Gods heiligheid elke zonde een breuk betekent in onze relatie en een aanklacht tegen mij. Genoeg bewijs om mij te veroordelen. En ik weet ook dat de straf op al die zonden is dat ik eeuwig van God gescheiden moet leven.
Toen de tekst uit Kolossenzen 2:14 voor het eerst echt goed tot me doordrong, kon ik het bijna niet geloven. De aanklacht: uitgewist en vernietigd... Dat kan toch niet?!
Ja ja, er zal wel een addertje onder het gras zitten. Nee, geen addertje, maar een slang, die op moment suprême alle gewiste zonden weer boven tafel weet te krijgen om mij alsnog ter dood te veroordelen...
Maar dan dringt het tot mij door op welke wijze de aanklacht is gewist en vernietigd. Dat is gebeurd op Goede Vrijdag.
Daar, op de heuvel Golgota, werd Jezus niet alleen aan het kruis genageld. Nee, Hij nagelde Zelf ook iets aan het kruis. 'Het document met voorschriften waarin wij werden aangeklaagd', lees ik in de weektekst. 'Het bewijsstuk dat door zijn inzettingen tegen ons getuigde en ons bedreigde,' staat er in de NBG-vertaling. Dat nagelde Hij aan het kruis en wiste het daarmee uit, voor eens en altijd.
Jezus hoeft niet 'zoals de andere hogepriesters, elke dag eerst offers op te dragen voor zijn eigen zonden en dan voor die van het volk; dat heeft hij immers voor eens en altijd gedaan toen hij het offer van zijn leven bracht' (Hebreeën 7:27)
Hij legde zijn leven af, uit vrije wil: 'Hier ben ik, ik ben gekomen om uw wil te doen... Op grond van die wil zijn wij voor eens en altijd geheiligd, door het offer van het lichaam van Jezus Christus' (Hebreeën 10:7-10).
Zonder bewijs geen veroordeling. Zonder bewijs vrijspraak. Zo ver gaat Jezus als Hij sterft aan het kruis. Voor mij! Hij vernietigt alle bewijzen dat ik ooit heb gezondigd. DELETED!
Ongelooflijk - ik ben vrij! Vrij van schuld, vrij van oordeel, vrij van de straf! VRIJ!
Dat maakt deze verschrikkelijke, donkere, bange, hopeloze vrijdag terecht tot Goede Vrijdag!
Wil je meer lezen?
Jesaja 53
Matteüs 27:27-50
Marcus 15:16-39
Lucas 23:26-49
Johannes 19:16-30
Lucas 7:36-50 |
|
|
 |
 shabbat shalom, gezegende zondag en week
Religie/Christendom | Vrede van Jeruzalem
|
30 Maart 2012 | 11:55:33
 |
een pesachverhaal:
er was eens koning die een opvolger zocht voor het geval hij zou sterven
hij observeerde veel onderdanen en zijn oog viel op een slaaf die al heel lang bij hem werkte
de koning stierf en de slaaf werd de nieuwe koning
het eerste wat hij deed was een hutje bouwen achter in de paleistuin
hij bracht daar zijn slavenkleding naar toe en hing een spiegel op
jarenlang ging hij voor pesach naar dat hutje, deed de deur op slot en bleef heel lang binnen
zijn ministers hadden geen idee wat de koning daar deed en waren heel nieuwsgierig
het jaar daarop voor pesach ging de koning zoals altijd naar zijn hutje maar vergat deze keer de deur af te sluiten.
de ministers waren hem gevolgd en gluurden door een kiertje van de deur naar binnen
daar stond de koning..........in zijn slavenkleding..........voor de spiegel............
heel lang stond hij daar................
toen hij , weer gewoon aangekleed, naar buiten kwam, vroegen de ministers wat hij daar toch deed en wat dat te betekenen had
het is voor mij belangrijk nooit te vergeten dat ik ooit een slaaf was
het houdt mij nederig en het zorgt ervoor dat ik niet arrogant wordt, ook niet naar jullie toe
ooit was ik een slaaf.
|
|
|
 |
 Global March to Jerusalem nadert Israels grenzen
Religie/Jodendom | Vrede van Jeruzalem
|
27 Maart 2012 | 17:46:02
 |
'Global March to Jerusalem' nadert Israëls grenzen|Edit
Maandag, 26 Maart 2012 16:12
Naar verwachting komen vrijdag duizenden mensen protesteren langs de grenzen van Israël; gevreesd wordt dat velen zullen trachten om de Joodse staat te binnen te dringen en het conflict te verhevigen.
De Israëlische strijdkrachten maken zich deze week gereed voor de jaarlijkse 'Landdag' marsen van Arabieren in en buiten Israël. De manifestatie, aanstaande vrijdag, belooft dit jaar een grotere uitdaging te worden omdat regionale machten zoals Iran, Hezbollah, de Moslimbroederschap en Hamas actief betrokken werden bij de planning van de mars.
Duizenden mensen uit het Midden-Oosten en andere delen van Azië zijn naar verluidt aangekomen in Syrië en zullen in de komende dagen onderweg gaan naar de Israëlische grens. Vergelijkbare marsen zijn gepland vanuit Jordanië, Egypte, Libanon, en vanuit door de Palestijnse Autoriteit gecontroleerde gebieden.
Israël heeft een beroep gedaan op de regeringen van de buurlanden, met name Jordanië en de Palestijnse Autoriteit, om een escalatie van geweld te helpen voorkomen door niet toe te laten dat de betogers de grenzen van Israël bestormen. Voor het geval het de menigten wel lukt om over de grenzen te komen, worden de Israëlische strijdkrachten uitgerust met diverse niet-dodelijke 'crowd control' middelen.
Advertentie - artikel gaat hieronder verder
Israël maakt zich zorgen over een herhaling de 'Nakbadag' marsen van vorig jaar, vanuit Syrië naar het noorden van Israël. Honderden Arabische relschoppers, die protesteerden tegen de 'catastrofe' van Israëls wedergeboorte als natie-staat, slaagden er in mei vorig jaar in Noord-Israël binnen te dringen, wat leidde tot botsingen met Israëlische soldaten, de dood van 13 demonstranten en harde internationale kritiek op Israël.
De Landdag marsen zijn een protest tegen de soevereiniteit van Israël over grondgebied dat de Arabieren als hun eigendom claimen. Dit jaar richten de internationale inspanningen zich op Jeruzalem met claims dat Israël de stad steeds meer probeert te 'Judaiseren'. De meeste Arabieren ontkennen de historische en religieuze band van de Joden met Jeruzalem.
'Ons doel is een einde te maken aan de zionistische politiek van apartheid, etnische zuiveringen en Judaisering, die alle schadelijk zijn voor het volk, het land en de heiligheid van Jeruzalem', |
|
|
 |
 shabbat shalom
Religie/Christendom | Vrede van Jeruzalem
|
23 Maart 2012 | 13:13:55
 |
shabbat shalom, gezegende zondag en week!
Ps.125
Een pelgrimslied.
Wie op de HEER vertrouwt is als de Sionsberg,
die onwankelbaar vast staat voor eeuwig.
Zoals de bergen Jeruzalem omringen,
zo omringt de HEER zijn volk
van nu tot in eeuwigheid.
De scepter van het kwaad zal niet rusten
op het land van de rechtvaardigen
en de rechtvaardigen zullen het onrecht
de hand niet reiken.
Wees goed voor wie goed is, HEER,
voor de oprechte van hart.
Maar wie een dwaalweg gaat –
HEER, verdrijf hem en allen die onrecht doen.
Vrede over Israël!
|
|
|
 |
 Fontein van tranen, zeer indrukwekkend, in Arad.
Religie/Jodendom | Vrede van Jeruzalem
|
20 Maart 2012 | 19:32:16
 |
Fontein van tranen, zeer indrukwekkend, in Arad
Aan de rand van de kleine woestijnstad Arad, niet ver van
de Dode Zee, wonen sinds 2005 Rick en Dafna Wienecke.
Rick is een Canadese christen, die al ruim 30 jaar in Israël
woont, een Israëlisch paspoort heeft en zelfs meevocht in het
Israëlische leger. De verhuizing naar Arad was niet vrijwillig,
want tegelijk met de nederzettingen in de Gazastrook werd
hun nederzetting in Samaria ontruimd. Rick is geen Jood,
maar intens verbonden met het Joodse volk. Een verbondenheid
die de afgelopen tien jaar nog dieper is geworden. Dat
komt vooral door de bijna onmogelijke opdracht die hij van
God kreeg om een beeldengroep te maken die een verbinding
legt tussen Golgota en de Holocaust. Na een hartelijk welkom, komen
we via een brede ingang op een
binnenplaats achter het huis van
Rick en Dafna Wienecke. In één
keer staan we voor het kunstwerk
waarover we gehoord hadden. We
zijn sprakeloos. Rick ziet die reactie
bijna dagelijks en doorbreekt
de stilte door te zeggen, dat we
eerst maar eens rustig moeten
kijken.
Er zijn inmiddels ruim 15.000
mensen geweest die deze schokkende
beeldengroep hebben
bekeken, en niemand gaat weg
zonder een groot aantal vragen.
Vragen over God, Jezus en het
onmenselijke lijden dat het Joodse
volk overkwam.
Niet veilig
Rick legt uit hoe hij ertoe gekomen
is: ‘Ik ben ruim vijfentwintig
jaar bezig als beeldhouwer. Bij
ieder beeldhouwproject is de relatie
met Jezus de veilige plek van
waaruit mijn creativiteit ontstaat.
Maar in 2001 vroeg de Heer iets
van mij, dat helemaal niet veilig
was. Ik moest de Holocaust gaanuitbeelden. Ik dacht: hoe kan ik iets uitbeelden
waarover ik zoveel vragen heb, en waarbij ieder
antwoord ongepast is. Het woord dat de Heer mij
in die tijd gaf, was het woord ‘terugbetaling’. Het
enige Hebreeuwse woord wat in de buurt komt
van het begrip ‘terugbetaling’, is wraak. Het was
alsof God zei: “Voor deze zes miljoen kinderen
van Israël die zijn omgekomen, eis Ik een terugbetaling.”
Ik was zo diep geraakt bij deze gedachte,
dat ik mijn tranen niet langer kon bedwingen.
Ik werd op een onverklaarbare manier overspoeld
door emoties. Dit was niet van mijzelf, maar
kwam van God. Gelukkig ging het voorbij en
ik probeerde er niet meer aan te denken. Maar
een half jaar later werd ik als speciale gast uitgenodigd
bij een conferentie in Amerika waar
een gedicht werd voorgedragen over de zeven
kruiswoorden van Jezus. Het was zo indringend
dat ik er niet meer los van kwam. Er begonnen
zich duidelijk beelden in mijn hoofd te vormen,
en zodra ik in de gelegenheid was, begon ik te
schetsen. Ieder kruiswoord van Jezus vormde een
beeldhouwwerk. Ik schetste een wand met zeven
beelden met daartussen zuilen van opgestapelde
stenen. Opnieuw begon de Heer te spreken:
“Waar doen die steenhopen je aan denken?”
“Gedenkplaatsen”, zei ik, denkend aan de steenhoop
die Jozua in de Jordaan liet opstapelen toen
het volk door de droge rivierbedding het beloofde
land binnen ging. “Hoeveel van deze steenhopen
heb je nu getekend?”, vroeg de Heer. Ik telde
er zes en met een schok begreep ik de bedoeling.
Één steenhoop voor iedere miljoen Joden die in
de vernietigingskampen waren omgekomen. Zes
keer een gedenkteken dat herinnert aan Gods eis
van terugbetaling van zes miljoen levens die zo
brutaal en wreed werden weggerukt.’
Terwijl Rick vertelt, zien we langs iedere steenhoop,
water naar beneden sijpelen als tranen die
in de grond verdwijnen en via kanaaltjes naar zes
olijfbomen stromen, die even verderop staan in
de tuin die grenst aan de woestijn. Olijfbomen als
beeld van Israëls opstanding na de verschrikkingen
van de Tweede Wereldoorlog.
Onmogelijk
Rick werkte een heel jaar aan de schetsen, worstelde
in gebed en argumenteerde met God dat
hij als christen wel de laatste was om zoiets te
maken. ‘Onmogelijk Heer, om de Holocaust te
opa en oma die werd vermoord.
Ik ben er niet één vergeten. Jij
schept vanuit mijn geheugen en
niet vanuit
Terwijl Rick vertelt, zien we langs iedere steenhoop,
water naar beneden sijpelen als tranen die
in de grond verdwijnen en via kanaaltjes naar zes
olijfbomen stromen, die even verderop staan in
de tuin die grenst aan de woestijn. Olijfbomen als
beeld van Israëls opstanding na de verschrikkingen
van de Tweede Wereldoorlog.
Onmogelijk
Rick werkte een heel jaar aan de schetsen, worstelde
in gebed en argumenteerde met God dat
hij als christen wel de laatste was om zoiets te
maken. ‘Onmogelijk Hekoppelen aan de kruisiging...’, zei
Rick. ‘Het is juist de kruisiging
die als christelijk symbool heeft
gediend voor het antisemitisme en
het lijden van de Joden. Bovendien
ben ik geen Jood, ik heb niemand
verloren in mijn familie door rassenhaat.
Ik kan me niet met de
Joden identificeren.’ Maar God zei:
‘Jij niet, maar Ik wel. Ik ken ieder
kind, iedere moeder, iedere vader,
uitbeelden. Ik dacht: hoe kan ik iets uitbeelden
waarover ik zoveel vragen heb, en waarbij ieder
antwoord ongepast is. Het woord dat de Heer mij
in die tijd gaf, was het woord ‘terugbetaling’. Het
enige Hebreeuwse woord wat in de buurt komt
van het begrip ‘terugbetaling’, is wraak. Het was
alsof God zei: “Voor deze zes miljoen kinderen
van Israël die zijn omgekomen, eis Ik een terugbetaling.”
Ik was zo diep geraakt bij deze gedachte,
dat ik mijn tranen niet langer kon bedwingen.
Ik werd op een onverklaarbare manier overspoeld
door emoties. Dit was niet van mijzelf, maar
kwam van God. Gelukkig ging het voorbij en
ik probeerde er niet meer aan te denken. Maar
een half jaar later werd ik als speciale gast uitgenodigd
bij een conferentie in Amerika waar
een gedicht werd voorgedragen over de zeven
kruiswoorden van Jezus. Het was zo indringend
dat ik er niet meer los van kwam. Er begonnen
zich duidelijk beelden in mijn hoofd te vormen,
en zodra ik in de gelegenheid was, begon ik te
schetsen. Ieder kruiswoord van Jezus vormde een
beeldhouwwerk. Ik schetste een wand met zeven
beelden met daartussen zuilen van opgestapelde
stenen. Opnieuw begon de Heer te spreken:
“Waar doen die steenhopen je aan denken?”
“Gedenkplaatsen”, zei ik, denkend aan de steenhoop
die Jozua in de Jordaan liet opstapelen toen
het volk door de droge rivierbedding het beloofde
land binnen ging. “Hoeveel van deze steenhopen
heb je nu getekend?”, vroeg de Heer. Ik telde
er zes en met een schok begreep ik de bedoeling.
Één steenhoop voor iedere miljoen Joden die in
de vernietigingskampen waren omgekomen. Zes
keer een gedenkteken dat herinnert aan Gods eis
van terugbetaling van zes miljoen levens die zo
brutaal en wreed werden weggerukt.’
Terwijl Rick vertelt, zien we langs iedere steenhoop,
water naar beneden sijpelen als tranen die
in de grond verdwijnen en via kanaaltjes naar zes
olijfbomen stromen, die even verderop staan in
de tuin die grenst aan de woestijn. Olijfbomen als
beeld van Israëls opstanding na de verschrikkingen
van de Tweede Wereldoorlog.
Onmogelijk
Rick werkte een heel jaar aan de schetsen, worstelde
in gebed en argumenteerde met God dat
hij als christen wel de laatste was om zoiets te
maken. ‘Onmogelijk Heer, om de Holocaust te
opa en oma die werd vermoord.
Ik ben er niet één vergeten. Jij
schept vanuit mijn geheugen en
niet vanuit je eigen herinnering.’
Toen gaf Rick zijn weerstand op en
begon hij te werken aan ‘De fontein
van tranen’. Het eerste beeld werd
Jezus in Getsemane, de plek waar
Hij besloot de beker van het lijden
te aanvaarden en volledig leeg te
drinken.er, om de Holocaust teToen begon het werk aan de zeven
woorden. Uiteindelijk kwam de
beeldengroep in 2008 klaar, zeven
jaar nadat hij voor het eerst de
opdracht kreeg.
Dialoog
Rick: ‘Het is een dialoog geworden
tussen het lijden van Jezus op het
kruis en het lijden van de Joden in
de Holocaust.’
We zien Jezus zeven keer – niet hangend
aan een kruis – maar aan een
wand van witte Jeruzalemstenen en
vlak voor de muur in brons, zeven
keer dezelfde Jood op weg naar de
gaskamer.
Rick legt uit dat het paneel ‘Vader
vergeef hun, want zij weten niet wat
ze doen’ eigenlijk de woorden van
een nieuw verbond zijn voor de
hele mensheid.
Waarom hebt U mij verlaten?!
‘Het moeilijkste kruiswoord om
uit te beelden was: “Mijn God, mijn
God waarom hebt U mij verlaten?!”
Jezus hapt naar adem en zegt niet
meer “Vader” zoals Hij dat altijd
deed. Nee, de Vader is weg. Jezus
is alleen. De spiegelfiguur uit de
Holocaust is ook alleen. Echt begrijpen
kunnen we het niet. Maar een
vriend van mij, die familieleden
in de Holocaust had verloren, vertelde
me over de Joden die werden
gedwongen om te helpen bij de
ontruiming van de gaskamers. Deze
‘Sonderkommando’s’ schreven
vaak op kleine papiertjes de laatste
woorden die ze vanuit de gaskamers
hoorden. Die papiertjes werden
later gevonden. Heel vaak klonken
dezelfde woorden: “Mijn God, mijn
God, waarom hebt U mij verlaten?!”
Zij citeerden niet Jezus, maar Psalm
22, die iedere gelovige Jood kent.
Ook Jezus citeerde die Psalm toen
Hij stierf. Daarom heb ik op de arm
van Jezus een kampnummer gegraveerd,
net als de slachtoffers van de
nazi’s. Ik zette er het nummer 1534
op zonder er veel over na te denken.
Behalve dat ik dacht 1+5 is 6 voor de
zes miljoen slachtoffers en 3+4 is 7
voor de zeven kruiswoorden. Toen zei
een vriend tegen mij: “Wist je dat er
in Markus 15:34 staat “Mijn God, mijn
God waarom hebt U mij verlaten”?’
Heilig werk
Terwijl Rick nog volop bezig was met
de beeldengroep, kwamen de eerste
mensen al kijken, want het nieuws,
dat er iets bijzonders gebeurde in de
Negev-woestijn, verspreidde zich als
een lopend vuurtje.
Een Joodse gids was geschokt bij het
zien van de beelden en zei: ‘Dit is
een heilig werk en ik wil dat mensen
dit zien.’ Zo begonnen ook steeds
vaker Joden te komen. Rick vertelt:
‘De reacties zijn altijd tweeledig:
geschokt omdat het toch de kruisiging
voorstelt, en ontwapenend
omdat het zo herkenbaar is. Ik heb
mijn Joodse gasten horen zeggen: “Je
hebt de twee allermoeilijkste dingen
uit onze geschiedenis samengebracht
binnen één kunstwerk.” Iemand
anders zei: “Ik heb de kruisiging altijd
als iets door en door slechts gezien,
iets boosaardigs, maar nu is het alsof
er een raam voor me is opengezet
waardoor ik nieuwe vergezichten
zie.” Sommige Israëli’s zeggen: “Is Hij
dan één van ons?” Als er Holocaustoverlevenden
komen, ben ik meestal
stil. Ik wil van hen leren over de dingen
die zij hebben meegemaakt. Het
is verbazend hoe positief ook deze
mensen reageren. Dat maakt ons heel
klein. We hebben nooit verwacht dat
er zoveel belangstelling zou zijn. Ik
denk dat het een genezingsproces is
zonder woorden. Niemand kan het
lijden beter verstaan dan degene die
het lijden zelf heeft meegemaakt.
Jezus kan het als geen ander, en Hij
kan ook de wonden genezen |
|
|
 |
 Vrolijk Poerim
Religie/Jodendom | Zegen
|
02 Maart 2012 | 14:49:55
 |
Vrolijk Poeriem
door Noa Naor, Jeruzalem
Het Woord van G'd is vol van wetten en regels. 'Eer uw vader en uw moeder' is zelfs een van de Tien Woorden, dat Moshe (Mozes) kreeg te geven aan het volk van Israël. Adonai zegt dat je je ouders hoort te eren “opdat je langer leven zult in het lande, dat Adonai, uw G’d, u geven zal.” (Lees Sjemot/Exodus 20:12)
Deze maand vieren we het feest van Poerim. Dit festival herinnert ons eraan hoe Adonai Israel heeft gered door de Joodse koningin Esther. Deze koningin was ooit een gewoon meisje. Net als ieder ander meisje in Perzië in die tijd werd Esther geroepen om te verschijnen aan het Hof van koning Achashverosh (stress op: Rosh, Ahasveros), zodat hij het mooiste meisje kiest om zijn bruid te worden.
De koning had juist zijn ex-vrouw en de koningin, Vashthi, weggezonden omdat zij hem niet wilde gehoorzamen. Het was niet alleen Esthers schoonheid die de aandacht van de koning Achashverosh trok, maar ook haar zachte karakter. Hij wist niet dat Esther was helemaal geen 'watje' was. Esther werd niet alleen koningin om aan het hof te dienen, maar zij redde door haar handelen ook het volk van G’d met de hulp van Adonai.
Let nu goed op!
Gedurende het hele verhaal gehoorzaamt koningin Esther de bevelen van haar neef en pleegvader Mordechai (met de klemtoon op: chai). Zij heeft respect voor de man die voor haar zorgde na de dood van haar vader en moeder. En dat is waarom ze doet wat hij haar vertelt. Toen Mordechai Esther vertelde dat ze aan niemand mag vertellen dat ze Joods is, heeft ze zich daar aan gehouden tot aan het moment dat Haman (nadruk op: man) zijn kwade plannen onthult aan de koning. Deze wijze, verstandige Mordechai wist zeker, dat het hun redding zou zijn! Nu de koning Esther meer lief had gekregen en hij wist dat zijn vriend Haman het volk van zijn vrouw Esther wilde ombrengen kon de koning alleen kiezen voor Israel!
Esther verborg haar joods-zijn niet omdat zij zich schaamde, maar omdat zij haar volk wilde redden van de vijand tegen elke prijs. Zelfs als ze er voor moest sterven! Deze gehoorzame en sterke vrouw werd gebruikt door Adonai, zodat dat Israël in deze tijd nog steeds bestaat. Zonder haar zou dit anders zijn geweest. Zie je dat Esthers gehoorzaamheid echt geleid heeft tot een langer leven? Oke, dit vond plaats in Perzië en niet in het land, dat Adonai zou geven: Israël. Hoe dan ook, door Esthers gehoorzaamheid werden de Joden werden gered en kunnen we leven in het beloofde land twee en een half duizend jaar later. Adonai houdt zijn belofte! Hij gebruikt mensen als Esther, mensen zoals jij en ik. Ben je klaar, wanneer Hij je roept?
Vers om te onthouden: Purim is een feest, dat is voorgeschreven om te houden, want "dit was het moment waarop de Joden bevrijd werden van hun vijanden, de dagen dat hun verdriet veranderden in vreugde en hun rouw in een feestdag. Dagen van het geven van geschenken aan elkaar van voedsel en gaven aan de armen." (Esther 9:22) |
|
|
|
 |
 shabbat shalom, fijne zondag en week!
Religie/Christendom | Vrede van Jeruzalem
|
02 Maart 2012 | 12:59:12
 |
|
Fluistering.
Door Cisca Mudde.
Door de eeuwen heen over Jeruzalem….
over de bergen van Israël.
Hoorbaar voor Torageleerden en het gewone volk…
met soms geen uitzicht meer op beter…is daar..
onmiskenbaar, een zachte fluistering, vol beloften..
door de straten van Jeruzalem.
Als in de dagen van Elia, Jesaja, Yeshua.
Beloften van Adonai, opgetekend, vast en zeker.
Voor hen die de fluistering verstaan.
Zelfs een donkere dag krijgt plotseling glans,
Door de fluistering van Adonai, over de bergen van Israël.
Beloften gedaan aan mannen en vrouwen,
Apart gezet door de Schepper van het al,
Worden zichtbaar, lichten op in de grauwe hoeken…
van stad, land en hart…hoopvolle vervulling van dat, wat is voorzegd.
Hoopvolle vervulling voor een volk..net nog zonder hoop…
Immanuel, G’d, Allerhoogste..Wie anders dan U…
is daar in de fluistering, ik aanbid U, o G’d van ons heil.
Grote genezer van mijn ziel.
De fluistering wordt luider, volle beloften resoneren…
door de hemelse gewesten, door U gemaakt.
Al wat U hebt beloofd, zal gebeuren.
U die Waarheid bent, zal het doen..op Uw tijd!
Zij die stil zijn horen U, terwijl U troostend zegt;
‘Houd vast wat je hebt, kinderen van de Allerhoogste’!
‘Ja! Ik Ben, is het …de Ik Ben…in de fluistering.
Kom, geef Me je hand, vertrouw Mij, Ik heb het tegen jou.
Je was even stil…voor Mijn zachte fluistering.
Luister dus goed, zegt de Ik Ben, Ik hou van jou.
Kom naar Mij..vertrouw Mij maar….
En je zult Mijn fluistering verstaan..in elke ademtocht, van jouw bestaan.
Bij Mij ben je veilig…kinderen van Israël.
Wees stil voor Mijn aangezicht’.
In de straten van Jeruzalem en op de bergen van Sion.
De beloften fluisteren door Erets Israël...
Luister kinderen en hoor je Schepper, je Koning, je G’d.
Hij komt spoedig, zegt het voort, over het land en over het volk.
Wees stil, want Hij fluistert zacht. |
|
|
|
 |
 Zegenbede voor ieder die dit leest!
Religie/Christendom | Zegen
|
27 Februari 2012 | 10:41:24
 |
Zegenbede voor deze week voor een ieder die dit leest :
Moge God je gedenken als Noach,
je begunstigen als Mozes,
je eer bewijzen als Maria,
voor je vechten als voor de Israëlieten,
je voorspoedig maken als Izaäk,
je verhogen als Jozef,
ingrijpen als bij Esther,
je beschermen als Daniël,
je gebruiken als Paulus,
je genezen als Naäman,
je gebeden verhoren als Elia,
je zalven als David,
en je in veiligheid stellen als Sadrach, Mesach en Abednego !
Amen. |
|
|
 |
 Opfrisser met 7 W's
Religie/Christendom | Gebed
|
26 Februari 2012 | 22:54:33
 |
Opfrisser met de 7 w's
Spreek voor hen die weerloos zijn, bescherm het recht van de vertrapten. Spreek, oordeel rechtvaardig, geef de armen en behoeftigen hun recht. -- Spreuken 31:8-9
Wie ? ........... Wij, gelovigen, die discipelen van de Here Jezus willen zijn.
...
Wat ? ........... Zullen spreken voor hen die weerloos zijn, het recht van de vertrapten beschermen,rechtvaardig oordelen en de armen en behoeftigen hun recht geven.
Waar ? ......... In Iedere situatie waar we dat tegenkomen, zullen ook wij, of moet ik zeggen juìst wij, stelling moeten nemen.
Waarom ? ...... Omdat ook dat in het koninkrijk van God past, omzien naar elkaar en met name met hen die het minder hebben.
Wanneer ? .... Je kunt misschien beter vragen, wanneer niet? Overal om ons heen is onrecht en wordt de zwakkere geweld aangedaan. Als hier gesproken wordt over weerlozen, dan denk ik meteen aan die duizenden baby's die geaborteerd zijn in ons land.....
Waarvoor ? ... Wanneer wij willen leven naar de regels van Gods Koninkrijk dan zullen we daar ook naar moeten handelen. Want het koninkrijk van God bestaat uit rechtvaarigheid, vrede en blijdschap (Rom.14:17)
Waartoe ? ..... Ook de Here Jezus bekommerde zich om het verschopte en het vertrapte, dus zullen ook wij dat moeten doen. De vraag is, hoe gaan we dat doen met elkaar ?
Gebed: Vader, opent U mijn ogen voor hen die mijn hulp nodig hebben vandaag en geef me mogelijkheden om te helpen waar ik kan, omdat ik wil dienen naar de regels van Uw Koninkrijk.
|
|
|
 |
 shabbat shalom, gezegende zondag en week!
Religie/Christendom | Vrede van Jeruzalem
|
24 Februari 2012 | 11:45:45
 |
"Want, indien hun verwerping de verzoening der wereld is, wat zal hun aanneming anders wezen dan leven uit de doden?" (Rom. 11:15).
Wat een prachtig plan heeft God met Israël. Jij en ik mogen er aan meewerken om hen bekend te maken met hun eigen Messias met het geweldige vooruitzicht, dat eens hun aanneming tot zegen van de hele wereld zal zijn. Precies zoals Jesaja ruim 2700 jaar geleden heeft geprofeteerd:
"En het zal geschieden in het laatste der dagen: dan zal de berg van het huis des HEREN vaststaan als de hoogste der bergen, en hij zal verheven zijn boven de heuvelen. En alle volkeren zullen derwaarts heenstromen en vele natiën zullen optrekken en zeggen: Komt, laten wij opgaan naar de berg des HEREN, naar het huis van de God Jakobs, opdat Hij ons lere aangaande zijn wegen en opdat wij zijn paden bewandelen. Want uit Sion zal de wet uitgaan en des HEREN woord uit Jeruzalem" (Jes. 2:2-3).
Met als uiteindelijk doel dat "de aarde vol zal zijn van kennis des HEREN, zoals de wateren de bodem der zee bedekken" (Jes. 11:9).
Nee, Israël... je kunt er niet omheen, nu niet, straks niet en ‘nooit niet'! |
|
|
 |
 nieuwsbrief van Franklin ter Horst
Religie/Christendom | Israel
|
22 Februari 2012 | 11:04:59
 |
Hij komt
Uit het nieuws 22-02-2012 (Aflevering: 490)
Door: Franklin ter Horst
Het komende oordeel over de naties 32
De grote verdrukking (deel 1)
Tegen het einde van het huidige wereldbestel komt er een grote verdrukking die er daarvoor nooit geweest is en daarna ook nooit meer wezen zal. Over de tijd waarin deze verdrukking zal plaats vinden meldt Matthéüs:
Matthéüs 24:21-22 Want er zal dan een grote verdrukking zijn, zoals er niet geweest is van het begin der wereld tot nu toe en ook nooit meer wezen zal. En indien die dagen niet ingekort werden, zou geen vlees behouden worden; doch ter wille van de uitverkorenen zullen die dagen worden ingekort.
Lucas meldt dat de machten der hemelen zullen wankelen:
Lucas 21:25-26-27 En er zullen tekenen zijn aan zon en maan en sterren, en op de aarde radeloze angst onder de volken vanwege het bulderen van zee en branding, terwijl de mensen bezwijmen van vrees en angst voor de dingen, die over de wereld komen. Want de machten der hemelen zullen wankelen. En dan zullen zij de Zoon des mensen zien komen op een wolk, met grote macht en heerlijkheid.
Ook de profeten van het Oude Testament beschrijven een periode van eindoordelen. De Here houdt gericht over al wat leeft; de goddelozen geeft Hij over aan het zwaard. Door het vuur van zijn na-ijver zal de ganse aarde verteerd worden. Joël zegt in 2:30-31: Ik zal wonderen geven in de hemel en op de aarde, bloed vuur en rookzuilen. De zon zal veranderd worden in duisternis en de, maan in bloed, voordat de grote en geduchte dag des Heren komt. Het hart van de mensen zal bezwijken van vrees over de dingen die komen gaan.
De profeet Zefanja kondigt aan dat er op de dag des Heeren diepe duisternis zal heersen, een duisternis die te vergelijken is met de plaag die Egypte trof tijdens de Exodus. Zefanja zegt dat de inwoners der aarde vernietigd zullen worden. Met “inwoners der aarde” zijn de mensen bedoeld die de God van Israël verachten. Het gaat hier dus niet om de hele mensheid.Uiteindelijk zullen de overgebleven volken reine lippen ontvangen, opdat zij allen de naam des Heren aanroepen. In Amos 5 vers 18-20 wordt duidelijk, dat er geen ontkomen aan is op die dag.
Jesaja zegt: Jammert, want de dag des Heren is nabij; hij komt als een verwoesting van de Almachtige. Daarom worden alle handen slap en elk mensenhart versmelt. Ja, zij zijn verschrikt, krampen en weeën grijpen hen aan, als een barende krimpen zij ineen; de een ziet verbijsterd de ander aan, hun gelaat staat in vlam. Zie, de dag des Heren komt, meedogenloos, met verbolgenheid en brandende toorn, om de aarde tot een woestenij te maken en haar zondaars van haar te verdelgen (Jesaja 13:6-7-8-9).
Uit wat Matthéüs, Lucas en de profeten te vertellen hebben blijkt dat het om een serie ongekend hevige gebeurtenissen zal gaan. De Bijbel maakt duidelijk dat alle volken op aarde door de grote verdrukking getroffen zullen worden. Openbaring 3:10 noemt deze tijd, de ure der verzoeking, die over de gehele wereld komen zal, om te verzoeken hen, die op de aarde wonen. Deze verdrukking wordt ook wel de Apocalyps genoemd. Het boek Openbaring beschrijft hoe het zal zijn tijdens de grote verdrukking. De rampen van de eindtijd zijn in zeker opzicht met de smarten van een barende vrouw te vergelijken. Pijnlijk als geboorteweeën, die voorafgaan aan een nieuwe tijd, een nieuw tijdperk dat wereldwijd aanbreekt: Gods koninkrijk van vrede en van gerechtigheid. Wanneer de weeën eenmaal zijn begonnen zullen ze elkaar steeds sneller opvolgen en worden heftiger tot de geboorte voorbij is. Zo zal het ook met de oordelen zijn die in het boek Openbaring staan beschreven.
Deze ‘weeën’ bestaan onder meer uit oorlogen, geruchten van oorlogen, natuurrampen, en tekenen aan de hemel. De echte weeën komen pas als de Toorn van het Lam losbreekt. Het gaat om een wereldwijde moeilijke tijd, een tijd van loutering, beproeving en van verdrukking, de allerlaatste periode vóórdat de Here Jezus op aarde terugkeert. Net zoals barensweeën steeds heviger worden en uiteindelijk tot de bevalling leiden, zo nemen ook Gods gerichten in intensiteit toe tot de vestiging van Gods Koninkrijk op aarde aanvang neemt. De gerichten zullen de ongelovige mensheid als een ‘dief in de nacht overvallen’.

De Bijbel spreekt over een moment waarop de wereldbevolking een grote door de Here bewerkte ontsteltenis zal meemaken. Ieder zal de hand van de ander grijpen, en ieders hand zal zich tegen die ander verheffen (Zacharia 14:13). Johannes zag “de machten der hemelen wankelen” en een verdrukking die de wereld nog nooit heeft gekend en die zich nadien ook nooit meer zal herhalen. Net zoals voor de zondvloed hebben de aardbewoners het gericht over zichzelf afgeroepen door het overtreden van Gods wetten.
Bij de grote verdrukking gaat het niet alleen om een verdrukking van de kant van de antichrist, maar in de eindfase eveneens van de zijde van God. Mensen die de Bijbel kennen weten ook dat niet alle rampen, alle onheil en alle verwoestingen op aarde het werk is van Satan want de Bijbel zegt: “Geschiedt er een ramp in de stad, zonder dat de Here die bewerkt? (Amos 3:6) “Het is de Here die het licht formeert en de duisternis schept, die het heil bewerkt en het onheil schept”(Jesaja 45:7)“De Here heeft alles gemaakt voor Zijn doel, ja, zelfs de goddeloze voor de dag des kwaads” (Spreuken 16:4) En zo staan er in de Bijbel een groot aantal voorbeelden van gebeurtenissen die God zelf bewerkt.
Openbaring beschrijft de grote verdrukking in vele hoofdstukken: eerst zeven zegels, dan zeven bazuinen, tenslotte zeven schalen. Openbaring 4 en 5 beschrijft dat toen de boekrol ontrold werd, de eerste zegel verbroken wordt, vervolgens de tweede en opeenvolgend alle zegels tot en met de zevende. Deze zegels geven onder meer een schets van een, satanische wereldregering (de Nieuwe Wereld Orde), van oorlogen, aardbevingen, hongersnood, vervolging en dood, sterren die van de hemel vallen waardoor de jaargetijden en kringlopen in de natuur zullen ontregeld zijn.
Openbaring 6:12-13-14 En ik zag, toen Hij het zesde zegel opende, en daar geschiedde een grote aardbeving en de zon werd zwart als een haren zak en de maan werd geheel als bloed. En de sterren des hemels vielen op de aarde, gelijk een vijgenboom zijn wintervijgen laat vallen.....(regen van meteorieten). En de hemel week terug als een boekrol, die wordt opgerold, en alle berg en eiland werd van zijn plaats gerukt.
Het zal precies zijn zoals Jezus heeft voorzegd – een tijd van zoveel rampspoed, dat geen mens dit zal overleven als Hij daar niet een eind aan zou maken. De eerste vier bazuinen treffen vooral de natuur: een derde deel van alles wat er is, verdwijnt!De vijfde bazuin onderscheidt zich door het zichtbaar worden van helse machten op aarde. De zevende bazuin vormt de inleiding tot de zeven schalen. Dit zijn de zeven laatste plagen (Openbaring 15) waarmee de gramschap van God is voleindigd. God Zelf oordeelt vanuit de hemel de op aarde levende mensheid, die zich praktisch totaal van God heeft afgekeerd. Zo verdorven is de wereld, dat er zelfs in de beschrijving van de hevigste oordelen, zij zich niet bekeren.
Openbaring 12 spreekt over “oorlog in de hemel”; Michaël en zijn engelen hadden oorlog te voeren tegen de draak als gevolg waarvan satan op de aarde geworpen wordt. De Here Jezus heeft het in Lucas 10:18 aangekondigd: Ik zag de satan als een bliksem uit de hemel vallen’.
De val van Satan volgens Gustave Doré
Openbaring 12:12 meldt:“Wee de aarde en de zee, want de duivel is tot u nedergedaald in grote grimmigheid, wetende, dat hij weinig tijd heeft. Vanaf dit moment bevindt Satan zich niet meer in de hemel en dat heeft verschrikkelijke gevolgen voor de aarde. Satan wordt door God slechts geduld om de vrije wil van zijn schepselen te waarborgen. Maar de duivel is op geen enkele wijze gelijkwaardig aan God. Het is de tijd, waarin de satanische macht tot een hoogtepunt komt. De “afgrond” wordt geopend en vreemde, duistere machten komen tevoorschijn. Dit maakt het leven op aarde in die tijd tot een hel. De gerichten zullen in de eerste plaats ten doel hebben, alles wat zich tegen de Here verzet, te vernietigen. De zondige mensheid zal geconfronteerd worden met God en Zijn Woord.
Ook wanneer iemand denkt te kunnen vluchten, dan nog wordt hij overvallen. Uit Openbaring 9:6 blijkt, dat zelfs de dood geen uitweg meer is. “En in die dagen zullen de mensen de dood zoeken, maar hem niet vinden, en zij zullen begeren te sterven, maar de dood vlucht van hen weg”. In angst roepen ze tot de bergen en de rotsen om hen te verbergen voor de oordelen van de Bijbelse God. Ze proberen zich in holen en onder rotsen te verschuilen om aan de toorn van God te kunnen ontkomen. Johannes ziet Koningen, prinsen, wereldleiders, kortom alle machtigen op aarde, wegrennen en vluchten. De grote steden storten in. ‘En de koningen der aarde en de groten en de oversten over duizend en de rijken en de machtigen en iedere slaaf en vrije verborgen zich in de holen en de rotsen der bergen; en zij zeiden tot de bergen en tot de rotsen: Valt op ons en verbergt ons voor het aangezicht van Hem, die gezeten is op de troon, en voor de toorn van het Lam; want de grote dag van hun toorn is gekomen en wie kan bestaan? Niets zal hen nog kunnen beschermen.
Roofvogels worden uitgenodigd. De koningen liggen op het slagveld. Niemand begraaft hen. Pochende grootsprekers, wereldleiders, Israël haters, antisemieten, als het slijk der straten. Allen zullen het zien en weten dat de oordeelsdag is gekomen. Ze willen wegvluchten maar ontdekken dat dat niets uithaalt. Alle grootheid van koningen en van wereldleiders is plotseling verleden tijd. Ze hebben niet geloofd in de God van de Bijbel en daarom niet geluisterd naar Zijn waarschuwingen. Ze hebben niet geloofd in Gods Zoon de Here Jezus. Wat ze wel hebben gedaan is het Joodse volk demoniseren, vervloeken en vermoorden. Ze hebben er mee gespot, ondanks alle Bijbelse waarschuwingen. Maar plotseling zal alles wegvallen. Voor de ongelovige mens is de komst van de dag des Heren een ontstellende gebeurtenis. Verbijstering en doodsangst zullen de weerspannige, ongehoorzame mens aangrijpen.
De profeet Daniël spreekt over een 'laatste jaarweek', een periode van 7 jaar, onderverdeeld in twee perioden van 3½ jaar. Gedurende de laatste 3½ jaar (1260 dagen) zal de antichrist zijn ware aard laten zien.
God waarschuwde de mensen in de tijd van Noach, voordat de het water kwam. De generatie in de tijd van Noach kreeg 120 jaar om zich te bekeren. Dit oordeel had afgewend kunnen worden, als de mensen zich bekeerd hadden. Noach is de enige die gehoor geeft, hij gelooft God op zijn Woord. God waarschuwde de inwoners van Sodom, voordat de verwoesting toesloeg. Lucas meldt: Maar op de dag, waarop Lot uit Sodom ging, regende vuur en zwavel van de hemel en verdelgde hen allen. Op dezelfde wijze zal het gaan op de dag, waarop de Zoon des mensen geopenbaard wordt (Lucas17:29-30).Hij waarschuwde de bewoners van Ninevé, voordat hen het oordeel trof. Hij waarschuwde de inwoners van Jeruzalem, voordat de stad door Nebukadnezar werd ingenomen. Precies zo zal de mentaliteit zijn in de laatste dagen voor de terugkomst van de Here Jezus; eten, drinken, trouwen- maar God is er niet bij. Wat er in de dagen van Noach gebeurde, zal zich aan het einde van het huidige wereldbestel herhalen want Jezus zegt: “Want zoals het was in de dagen van Noach, zo zal de komst van de Zoon des mensen zijn”(Matt. 24:37). Het is niet zo dat de geschiedenis der mensheid hiermee eindigt. Wel is het zo dat de wereld zo door en door verdorven is dat een radicaal herstel nodig is.
De Bijbel vertelt overduidelijk dat er een einde zal komen aan het huidige wereldbestel. Het zal niet het einde van wereld zijn, maar het einde van het huidige wereldsysteem, dat geregeerd wordt door het kwaad. De Bijbel vertelt ook hoe de mensheid aan een aantal specifieke tekenen kan zien dat het einde van het huidige tijdperk dichterbij komt. En alles wijst erop dat die tekenen zich op dit moment aan voltrekken zijn! Er bestaat nu een ideale voedingbodem voor chaos, ineenstorting, en oorlog. De Here Jezus gaf aan dat er, voorafgaand aan de laatste grote oorlog vlak voor zijn wederkomst, nog vele oorlogen gevoerd zouden worden. De komende oorlogen zullen de aarde schudden door het gebruik van atoomwapens. Daarnaast zullen biologische en chemische wapens worden ingezet waardoor er sprake zal zijn van enorme vernietiging. Dat betekent dat wanneer God niet zou ingrijpen, het voortbestaan van de hele mensheid op het spel staat. Niet eerder heeft een totale vernietiging van de planeet aarde binnen handbereik gelegen. Nooit eerder beschikte de wereld over het vermogen het hele menselijk geslacht weg te vagen.
Heel wat ‘heren op de kansel’ negeren de Bijbelse eindtijdprofetieën en vermijden het dreigende oordeel. Men predikt nog slechts aangename dingen die goed bij de gemeente in het gehoor liggen. Vele naamchristenen zeggen de profetieën niet serieus te nemen.
De mensen op aarde zullen zich helemaal niets meer van God aantrekken en zich steeds vijandiger tegen het volk van Israël gedragen. Dit betekent, dat naarmate duidelijker te zien is, hoe de mensheid zich van God losgemaakt en zich vijandig gedraagt tegen het volk Israël, dat Gods volk is en blijft, de komst van de aangekondigde rampen steeds dichterbij gekomen is.

|
|
|
 |
 Help toch, Adonai.........................
Religie | Gebed
|
19 Februari 2012 | 19:40:50
 |
Help toch, Adonai, want er zijn geen vromen meer; ja, de getrouwen zijn schaars onder de mensenkinderen. Zij spreken valsheid tegen elkander, zij spreken dubbelhartig, met gladde lippen. Adonai verdelge alle gladde lippen en elke grootsprekende tong; Hen die zeggen: Met onze tong zijn wij sterk; onze lippen zijn met ons; wie is heer over ons? Om de onderdrukking der ellendigen, het zuchten der arm...en, maak Ik Mij thans op, zegt Adonai; Ik stel in veiligheid wie daarnaar smacht. De woorden van Adonai zijn zuivere woorden, gedegen zilver, in een smeltoven in de aarde zevenvoudig gelouterd. Gij, Adonai zult ze gestand doen, ons altoos beschermen tegen dit geslacht; De goddelozen draven rond, terwijl snoodheid bij de mensenkinderen het hoofd opsteekt. |
|
|
 |
 shabbat shalom, gezegende zondag en week!
Religie | Vrede van Jeruzalem
|
17 Februari 2012 | 12:01:51
 |
Jesaja 61:1-3
1 De Geest des Heren HEREN is op mij, omdat de HERE mij gezalfd heeft; Hij heeft mij gezonden om een blijde boodschap te brengen aan ootmoedigen, om te verbinden gebrokenen van hart, om voor gevangenen vrijlating uit te roepen en voor gebondenen opening der gevangenis;
2 om uit te roepen een jaar van het welbehagen des HEREN en een dag der wrake van onze God; om alle treurenden te troosten,
3 om over de treurenden van Sion te beschikken, dat men hun geve hoofdsieraad in plaats van as, vreugdeolie in plaats van rouw, een lofgewaad in plaats van een kwijnende geest. En men zal hen noemen: Terebinten der gerechtigheid, een planting des HEREN, tot zijn verheerlijking |
|
|
 |
 Ik lief je.
Religie/Christendom | Zegen
|
16 Februari 2012 | 02:48:10
 |
29:11 Want Ik weet, welke gedachten Ik over u heb, spreekt de Heer, namelijk gedachten van vrede en niet van leed, om u te geven het einde, dat gij verwacht.
29:12 En gij zult Mij aanroepen en voortgaan tot Mij te bidden, en Ik zal u verhoren:
29:13 indien gij Mij zult zoeken, zult gij Mij vinden, wanneer gij Mij zoekt van ganser harte;
29:14 ja Ik zal Mij van u laten vinden, spreekt de Heer, en zal uwe gevangenschap wenden, en u vergaderen uit alle volken en uit alle plaatsen, waarheen Ik u heb weggedreven, spreekt de Heer, en zal u wederbrengen aan deze plaats, vanwaar Ik u heb doen wegvoeren,
Misschien is dat wel precies het geheim van christen zijn, dat je die stem gehoord hebt en gezocht hebt en gevonden hebt, die stem die zegt: Ik heb jullie geluk voor ogen, niet jullie ongeluk. Het is een stem van achter alle stemmen van mensen en dieren en dingen om je heen. Misschien hoor je eerst niet meer dan de echo van die stem, in het verlangen naar recht en eerlijkheid, naar spiritualiteit, naar schoonheid, en in het diepe verlangen naar relaties van echte liefde. Soms horen bepaalde mensen, profeten, die stem heel duidelijk en geven haar door, zoals hier Jeremia. In ieder geval is het een goede stem, de stem van iemand die zegt: ik wil dat jij gelukkig bent.
Christenen hebben die stem gehoord en de bron ervan gevonden in Jezus, de koning van Israël. Dat is het ’m. Meer niet. Christenen zijn heel gewone mensen, Het
vreemde zit niet in hen, niet in ons, maar in de stem die we, gehoord hebben, die stem die zegt: ik wil dat jij gelukkig bent, echt, helemaal, niet langer ongelukkig, ook niet stiekem een beetje. Als dat nu eens de laatste stem in je leven zou zijn, de diepste kracht, het laatste wat je hoort als alle andere stemmen in je leven zwijgen: ik houd van je en ik wil dat jij gelukkig bent, wat zou dat betekenen in je leven, in je opstelling, in je bestaan? Denk er even rustig over na. Dat is het geheim van christen zijn, dat die stem, Jezus’ stem, in je leven klinkt als de diepste, de laatste toon: ik houd van je en ik wil dat jij gelukkig bent.
Of ben ik dan toch te cynisch? In ieder geval komt zo’n stukje uit de profeet Jeremia als we net lazen niet heel erg naïef en wereldvreemd bij me binnen. Hij is eerder vrij nuchter. Een deel van het volk Israël is gedeporteerd naar het land Babel, laten we zeggen van Israël naar ongeveer Irak. Ze willen het liefst meteen terug naar huis. En er zijn ook allerlei mensen die zeggen: ja hoor, morgen, overmorgen mogen jullie naar huis terug. Jeremia noemt dat leugens. Wereldvreemde en naïeve praat. Het gaat echt wel zeventig jaar duren, die ballingschap. Wat echt erg is, is ook niet zo over. De Israëlieten moeten kinderen en kleinkinderen krijgen en dan is het nog eens tijd voor het einde van de deportatie. De God die hier spreekt heeft het geluk van zijn volk voor ogen en niet het ongeluk ervan.
Daar kun je van denken wat je wilt, maar naïef of wereldvreemd is het niet, lijkt me. Je hele leven telt mee, inclusief al die dingen die erg zijn, erg fout, erg verdrietig, erg slecht. Wat er ook gebeurt of gebeurd is, Jeremia hier en vele andere schrijvers in de bijbel verder geven je de stem door van de God die tegen jou zegt: Mijn plan met jullie staat vast: ik heb jullie geluk voor ogen, niet jullie ongeluk. Sterker nog: Jezus, zijn Zoon,zegt “Ik hou van jou!”
Ook daar wijst die oude profeet Jeremia al op. Hij zegt: Bid tot de HEER voor de stad waarheen ik jullie weggevoerd heb en zet je in voor haar bloei, want de bloei van de stad is ook jullie bloei. Bidden en werken, mensen in contact brengen met de goede bron van alle leven die je in Jezus hebt ontmoet en maar heel praktisch je inzetten voor anderen, voor de stad, voor de buurt, je portiek. Bidden voor de mensen die je kent.
- ik heb jullie geluk voor ogen, niet jullie ongeluk. Die opstelling, dat uit zijn op het geluk van de mensen om je heen, heb je uiteindelijk geleerd van die laatste stem in je leven, van God, van Jezus zelf. Die diepste stem bewijst dat hij het meent, telkens weer, Ik houd van je, ik wil dat je gelukkig bent. Zo klinkt die stem, voor iedereen. Het is dan ook de stem van Jezus, God heeft grote plannen voor jouw leven!
We werden door God geschapen naar zijn beeld en met een doel. Net als God Jesaja vanaf zijn geboorte apart zette voor een speciaal doel (Jesaja 49:1), en Jeremia ( Jeremia 1:5) en Paulus (Galaten 1:15), heeft hij een speciaal plan voor jouw leven.
“Mijn plan met jullie staat vast – spreekt de HEER. Ik heb jullie geluk voor ogen, niet jullie ongeluk: ik zal je een hoopvolle toekomst geven.” (Jeremia 29:11).
De bijbel zegt dat Gods wil is het goede, volm e en volkomene. (Rom. 12:2).
Gods wil, allereerst en vooral, is dat we een relatie hebben met hem door zijn Zoon, Jezus Christus
Toepassen
Het Woord van God wil ook wat doen in je leven: van bijbellezen moet het gaan naar bijbelleven. Wat heb je ontdekt en wat kun je vandaag in de praktijk brengen? Laat een bepaalde tekst of opdracht vanuit het bijbelgedeelte je dag kleuren! Ook geen gek idee: leer eens één tekst uit je hoofd en probeer daar regelmatig aan te denken.
Bijbellezen = een ontmoeting van hart tot hart met God hebben.
Bijbellezen = de kans krijgen om te groeien in geloof.
Bijbellezen = ontdekken dat God jouw vragen serieus neemt.
Bijbellezen = je leven binnenstebuiten laten keren door God zelf.
Bijbellezen = zien wie God voor de wereld en de mensen om je heen wil zijn.
Bijbellezen = de duivel geen ruimte geven om je van de wijs te brengen.
Bijbellezen = de beste ontspanning die je je maar kunt wensen.
Bijbellezen = ja zeggen op wat je leest, al begrijp je meer dan de helft niet.
Bijbellezen = je handen leggen op één van de 14.000 beloften in de Bijbel.
Bijbellezen = onderstrepen dat je in alles met God door het leven wilt gaan
Vaders liefdesbrief
|
Mijn kind, |
|
Je kent mij misschien niet, maar Ik weet alles over je. |
|
Ik weet het wanneer je zit en wanneer je weer opstaat. |
|
Alles wat je doet is bij mij bekend. |
|
Zelfs de haren op je hoofd zijn geteld. |
|
Want je bent gemaakt naar Mijn evenbeeld. |
|
In Mij leef je, beweeg je en is je bestaan. |
|
Je bent uit Mij voortgekomen. |
|
Voordat je verwekt werd, kende Ik je al. |
|
Nog voordat Ik de wereld maakte, koos Ik je al uit. |
|
Je bent geen vergissing. |
|
Elke dag van je leven stond al opgeschreven in Mijn boek. |
|
Ik bepaalde je geboorte en waar je zou leven. |
|
Je bent prachtig gemaakt. |
|
Ik heb je gemaakt in de buik van je moeder. |
|
Ik verwelkomde je op de dag dat je geboren werd. |
|
Mensen die Mij niet kenden hebben geprobeerd Mij te vertegenwoordigen. |
|
Ik ben niet ver weg en kwaad, want Ik ben de volmaakte liefde. |
|
Mijn verlangen is om je te overladen met Mijn liefde. |
|
Gewoon omdat Ik je Vader ben en jij Mijn kind bent. |
|
Ik geef je veel meer dan een aardse vader zou kunnen. |
|
Want Ik ben de perfecte vader. |
|
Al het goede dat je ontvangt komt uit Mijn hand. |
|
Ik geef je wat je nodig hebt. |
|
Mijn plan voor jouw toekomst is altijd vol hoop geweest. |
|
Want Ik hou van je met een eeuwigdurende liefde. |
|
Ik denk ontelbaar veel aan je. |
|
En Ik zing een lied van blijdschap over je. |
|
Ik zal niet stoppen met het goede voor je te doen. |
|
Want je bent Mijn kostbare bezit. |
|
Met Mijn hele hart en ziel verlang Ik er naar om je te bevestigen. |
|
En Ik wil je grote en verbazingwekkende dingen laten zien. |
|
Als je Mij met je hele hart zoekt, zal je Mij vinden. |
|
Verheug je in Mij en Ik zal je al de verlangens van je hart geven. |
|
Want Ik heb die verlangens in je gelegd. |
|
Ik kan oneindig veel meer voor je doen dan dat je ooit kunt beseffen. |
|
Ik ben diegene die je het meest aanmoedigt. |
|
En Ik ben ook de Vader die je troost in al je verdriet. |
|
Als je terneergeslagen bent, ben Ik dicht bij je. |
|
Zoals een herder een lam draagt, zo heb Ik je dicht bij Mijn hart gedragen. |
|
Op een dag zal Ik elke traan van je ogen afwissen. |
|
En Ik zal alle pijn die je op deze wereld hebt geleden, wegnemen. |
|
Ik ben je Vader en Ik hou net zoveel van jou als van Mijn Zoon, Jezus. |
|
Want in Jezus heb Ik Mijn liefde voor jou laten zien. |
|
Hij is het exacte evenbeeld van Mij. |
|
Hij kwam om te laten zien dat Ik aan jouw kant, en niet tegenover je, sta. |
|
En je te vertellen dat Ik niet meer naar je zonden kijk. |
|
Jezus stierf zodat wij weer bij elkaar kunnen komen. |
|
Zijn dood was de ultieme uiting van Mijn liefde voor jou. |
|
Ik gaf alles op waar Ik van hield, zodat Ik misschien jouw liefde zou winnen. |
|
Als je Jezus verwelkomt, ontvang je Mij ook. |
|
En niets zal je ooit nog scheiden van Mijn liefde. |
|
Kom thuis en Ik geef het grootste feest dat je ooit beleefd hebt. |
|
Ik ben altijd Vader geweest en Ik zal altijd Vader blijven. |
|
Mijn vraag is Wil je Mijn kind zijn? |
Laat je hart vol zijn van deze bemoedigingen, van Hem die zegt: Ik heb je lief: Ik lief je:. Doe weg al die andere dingen die niet horen bij zo’n mooi hart met liefde die Hij je wil schenken. Liefde van Hem, voor jou. Hij belooft je een rijke toekomst, net zoals Zijn volk Israel. Vol van Liefde, kijk naar je hart doe weg die zwarte plekke, of gevlekte, dat net, niet helemaal van Hem.
Dan krijg je ook zin en liefde voor je naast om uit te delen, aan die ander die misschien bij onze vrouwenochtend naast je zit. Om haar te laten groeien in haar geloof, of het evangelie uit te leggen. Waar het hart van vol is, loopt de mond van over!
Een liefde vol hart gewenst!
|
|
|
 |
 shabbat shalom, gezegende zondag en week!
Religie | Zegen
|
10 Februari 2012 | 11:48:13
 |
Jehé shemeh rabba meworach, le’olam oele’almé olmajá.
(Moge Zijn grote Naam geprezen zijn in alle eeuwigheid),
Melech Ozer u’Moshia u’Magen
(Koning Helper en Redder en Schild)
...
Baroech Ata Adonai Magen Avraham
(Gezegend U Eeuwige Schild van Avraham)
Ata gibor l’olam Adonai
(U bent machtig voor eeuwig, Heer)
Mi chamocha ba’al g’voerot oe mi domeh lach,
(Wie is als U, heer over de krachten en wie is vergelijkbaar met U,)
Ata Kadosh v’shimcha kadosh
(U bent heilig en Uw naam is heilig)
oekedoshiem bechol yom yehalaloecha sèla
(en heiligen elke dag prijzen U voor altijd)
Baroech ata Adonai ha’El hakadosh
(Gezegend U, Eeuwige, de God, de Heilige)
Ata chonen le’adam da-at
(U geeft genadig aan de mens kennis)
oemelamed le’enosh biena.
(en onderwijst aan stervelingen inzicht)
Chanenoe me-itcha de-a bina v’has’kel
(begunstig ons van U met kennis, inzicht en begrip)
Baroech Ata Adonai chonen hada’at.
(Gezegend U Eeuwige, genadige Gever van wijsheid.)
Hashivenu Avinu l’toratecha
(doe ons terugkeren, onze Vader, naar Uw torah)
V’karvenu Malkenu la’avodatecha
(en breng ons dichter, onze Koning, bij Uw dienst)
V’hachazirenu bit’shuva shelema l’fanecha.
(en laat ons terugkeren in volledige bekering tot U.)
Baroech Atah Adonai harotzeh bit’shuva.
(Gezegend U Eeuwige die behagen heeft in bekering.)
S’lach-lanu Avinu ki chatanu
(Vergeef ons, onze Vader, want wij hebben gezondigd)
M’chal-lanu Malkenu ki fasha’nu
(Schenk ons vergiffenis, onze Koning, want we hebben overtredingen begaan)
Ki Mochel ve soleach Atah.
(want U schenkt vergiffenis en bent vergevingsgezind.)
Baroech Atah Adonai chanoen, hamarbe lisloach.
(Gezegend, U, Eeuwige, genadige, die veel vergeeft.)
R’eh (na) v’anyenu v’riva rivenu
(zie (toch) onze ellende en voer onze strijd)
Oe ge’alenu mehera l’ma’an sh’mecha
(en verlos ons spoedig, omwille van Uw naam)
Ki go’el chazak atah.
(want een sterke verlosser bent U.)
Baroech Atah Adonai go’el Yisrael.
(Gezegend U, Eeuwige, verlosser van Jisrael.).
ik dank U JESJOEA dat U mij heeft geroepen, en dat ik heb mogen horen, gezegend U JESJOEA, EEUWIGE, KONING die houd van rechtvaardigheid en recht.
ik HOUD VAN U HEER DER HEERSCHARE.
|
|
|
 |
 Vaders Liefdes Brief
Religie/Christendom | Zegen
|
09 Februari 2012 | 13:14:13
 |
| Mijn kind, |
| Je kent mij misschien niet, maar Ik weet alles over je. |
| Ik weet het wanneer je zit en wanneer je weer opstaat. |
| Alles wat je doet is bij mij bekend. |
| Zelfs de haren op je hoofd zijn geteld. |
| Want je bent gemaakt naar Mijn evenbeeld. |
| In Mij leef je, beweeg je en is je bestaan. |
| Je bent uit Mij voortgekomen. |
| Voordat je verwekt werd, kende Ik je al. |
| Nog voordat Ik de wereld maakte, koos Ik je al uit. |
| Je bent geen vergissing. |
| Elke dag van je leven stond al opgeschreven in Mijn boek. |
| Ik bepaalde je geboorte en waar je zou leven. |
| Je bent prachtig gemaakt. |
| Ik heb je gemaakt in de buik van je moeder. |
| Ik verwelkomde je op de dag dat je geboren werd. |
| Mensen die Mij niet kenden hebben geprobeerd Mij te vertegenwoordigen. |
| Ik ben niet ver weg en kwaad, want Ik ben de volmaakte liefde. |
| Mijn verlangen is om je te overladen met Mijn liefde. |
| Gewoon omdat Ik je Vader ben en jij Mijn kind bent. |
| Ik geef je veel meer dan een aardse vader zou kunnen. |
| Want Ik ben de perfecte vader. |
| Al het goede dat je ontvangt komt uit Mijn hand. |
| Ik geef je wat je nodig hebt. |
| Mijn plan voor jouw toekomst is altijd vol hoop geweest. |
| Want Ik hou van je met een eeuwigdurende liefde. |
| Ik denk ontelbaar veel aan je. |
| En Ik zing een lied van blijdschap over je. |
| Ik zal niet stoppen met het goede voor je te doen. |
| Want je bent Mijn kostbare bezit. |
| Met Mijn hele hart en ziel verlang Ik er naar om je te bevestigen. |
| En Ik wil je grote en verbazingwekkende dingen laten zien. |
| Als je Mij met je hele hart zoekt, zal je Mij vinden. |
| Verheug je in Mij en Ik zal je al de verlangens van je hart geven. |
| Want Ik heb die verlangens in je gelegd. |
| Ik kan oneindig veel meer voor je doen dan dat je ooit kunt beseffen. |
| Ik ben diegene die je het meest aanmoedigt. |
| En Ik ben ook de Vader die je troost in al je verdriet. |
| Als je terneergeslagen bent, ben Ik dicht bij je. |
| Zoals een herder een lam draagt, zo heb Ik je dicht bij Mijn hart gedragen. |
| Op een dag zal Ik elke traan van je ogen afwissen. |
| En Ik zal alle pijn die je op deze wereld hebt geleden, wegnemen. |
| Ik ben je Vader en Ik hou net zoveel van jou als van Mijn Zoon, Jezus. |
| Want in Jezus heb Ik Mijn liefde voor jou laten zien. |
| Hij is het exacte evenbeeld van Mij. |
| Hij kwam om te laten zien dat Ik aan jouw kant, en niet tegenover je, sta. |
| En je te vertellen dat Ik niet meer naar je zonden kijk. |
| Jezus stierf zodat wij weer bij elkaar kunnen komen. |
| Zijn dood was de ultieme uiting van Mijn liefde voor jou. |
| Ik gaf alles op waar Ik van hield, zodat Ik misschien jouw liefde zou winnen. |
| Als je Jezus verwelkomt, ontvang je Mij ook. |
| En niets zal je ooit nog scheiden van Mijn liefde. |
| Kom thuis en Ik geef het grootste feest dat je ooit beleefd hebt. |
| Ik ben altijd Vader geweest en Ik zal altijd Vader blijven. |
| Mijn vraag is Wil je Mijn kind zijn? |
| Ik wacht op je. |
| |
| je Vader |
| Almachtig God | |
|
|
 |
 Jeruzalem
Religie/Christendom | Vrede van Jeruzalem
|
08 Februari 2012 | 12:33:22
 |
Hoe kunnen we dat God zijn naam op Jeruzalem? Er zijn 3 valleien in de Stad van Jeruzalem. Kidron Valley, Hinnom Vallei en Tyropean Valley. Deze 3 valleien vormen de letter SHIN - שׁ, die identiek met de naam. Het woord "naam" in het Hebreeuws is "shem" of in het Hebreeuws woord "שׁם". Het komt uit het Hebreeuws brief SHIN-MEM.
2 Koningen 21:4 Hij bouwde altaren in het huis des HEEREN, waarvan de HEERE zei: "Ik zal mijn naam in Jeruzalem."
2 Kronieken 33:4 Hij bouwde altaren in het huis van Jahweh, waarvan de HEERE zei: "Mijn naam zal voor altijd in Jeruzalem."
Deuteronomium 6:4 en 5 "4 Hoor, Israël: de HEERE is onze God, Jahweh is een: 5 en Gij zult den HEERE, uw God met geheel uw hart, en met heel uw ziel en met geheel uw kracht.
Hoor, Israël:. De HEERE, onze God is een enig HEERE "
|
|
|
 |
 Spreek tot de moedelozen
Religie/Christendom | Gebed
|
08 Februari 2012 | 12:20:38
 |
Spreek tot de moedelozen...
De bemoediging begint elke keer met de proclamatie dat onze Heer Jezus het licht van de wereld is. Dat is Hij ook, Amen! Maar Jezus zegt ook van zichzelf: Ik ben het brood des levens. Brood dat de mens voeding geeft. Jezus voedt ons, en Hij voedt ons met woorden. Jezus is immers het levende woord van God .
Woorden kunnen voedend zijn, stimulerend, de reden van blijdschap, van groei, van een positieve beslissing. Woorden kunnen leven brengen waar dood heerste, genezing brengen en bevrijding. Er ligt kracht in het woord... en helemaal als het het Levende Woord van Jezus is.
Woorden kunnen ook zo anders werken op onze ziel. Als je hoort dat je ziek bent, of iemand waar je veel houdt is ongeneeslijk ziek... Dan komt dit bericht vaak door een woord naar je toe. Iemand die zegt dat hij nooit je zal vergeven, dat hoor je via een woord. ‘Ik haat je!’ is een vernietigend woord. Sommigen woorden, vooral scheldwoorden kunnen je leven roven, kunnen je innerlijk leven en mogelijkheid geluk te voelen vermoorden. Woorden kunnen als gif inwerken en mensen helemaal ruïneren, vooral als deze woorden in een kwetsbare periode hebben geklonken. Toen je kind was, of bang was, of verdrietig was...
Spreek tot de moedelozen... Ik neem je mee naar Jesaja 35 waar de Here God spreekt tot zijn kinderen en die kinderen zijn moedeloos:
‘Zeg tegen het moedeloze volk: wees sterk en vrees niet, want jullie God zal komen met zijn wraak. Gods vergelding zal komen, hijzelf zal jullie bevrijden!’ (vers 4, NBV)
Als we over Gods wraak lezen, of zijn vergelding denken we zo vaak dat God ons moet hebben... wij, zijn kinderen. Maar let goed op deze woorden, ze zijn niet tegen Gods kinderen gericht, maar voor Gods kinderen. God gaat moedelozen helpen. Hij zegt hen dat Hij zal helpen... VOOR de oorzaak van hun moedeloosheid ten volle heeft toegeslagen.
Jesaja 35 staat voor Jesaja 36. In Jesaja 36 lezen we over de oorzaak, waarom het volk moedeloos is geworden. Er dreigt groot gevaar, oorlog, iemand wil hun de baas worden en onderdrukken, Sanherib van Assyrië.
Ze horen in de verte het wapengekletter... zoals wij horen van slechte tijden, horen van dalende welvaart, vrede die bedreigd wordt, gezondheid dat achteruit gaat. Het horen van een onoplosbaar conflict tussen mensen... Ik kan daar moedeloos van worden. Het raakt mij als ik van dit soort negatieve dingen hoor en dat is ook vrij normaal voor mij als mens.
God komt nu met zijn woorden: Ik ben er ook nog, ...... en vul je eigen naam ook maar in! Zeg tegen de moedelozen... Hoor dit woord... Jullie God zal komen en jullie helpen! Hij gaat je bevrijden, Hij gaat dingen doen waarvan je nu nog niet weet. Grote Goddelijke dingen!
Wat voor dingen doet God dan in hopeloze situaties? Terug naar Jesaja 35: 5-7
Blinden ogen worden geopend... mensen die zo blind waren voor Gods Grootheid, zullen Hem zien in zijn grootheid. Je kunt blind zijn voor wie je zelf bent, blind hoe je leeft in relatie met de ander en met je God... Blind voor je wie je vriend en je vijand is. Maar het zal zichtbaar worden! Zien zullen de blinden!
Doven oren ontsloten... ... Dat gevoel ken ik geestelijk ook... Heer, wat bedoelt U toch? Wat zegt U toch? Wat bedoelt U toch... Maar oren worden ontsloten, als de Heer komt! Horen zullen de doven!
Verlamden zullen springen als herten! Kan het onmogelijker... Zou het niet geweldig zijn als een verlamde weer kan lopen, maar God laat hem springen zoals een hert sierlijk springt van de ene berg. Hoeveel kinderen van God zitten niet verlamd vast in hun angst... in hun onmacht... We willen wel vooruit, maar we weten niet hoe. We willen wel vluchten en ontsnappen, maar we missen de kracht om in beweging te komen. Verlamden zullen weer kracht voelen in hun spieren en zij gaan springen als herten!
Stommen zullen jubelen... woordeloos zijn... de kinderen van God die geen stem hebben, die nooit ergens meetellen, die niet gehoord worden... Hoeveel stommen zitten er niet in onze kerken? Zwijgende, berustende mensen, niet in staat om woorden van leven te spreken of ze simpel, zoals ik zelf ook steeds meer leer... de woorden van God na te spreken: Nazeggen wat God zelf zegt! Jubelen zullen deze verstomde stemmen, vanwege de uitredding van God.
Spreek tot de moedeloze kinderen van God. Zoek ze op deze moedelozen en verwijt ze niets, maar geeft ze woorden die hun ziel voeden zullen. Woorden van Jezus, levend brood. Dat is geen pasklaar antwoord, maar iets waarop gekauwd mag worden, dat gesmaakt mag worden en lichamelijk verwerkt mag worden. Brood zal de hongerige mens voeden en sterk maken en dan gaat het tóch gebeuren... Ook in jouw leven, ook in het mijne... is niets onmogelijk voor onze God. Dat mogen wij aan de lijve, in onze zielen en in onze geest ervaren.
Mag de Heer je met deze woorden opnieuw sterken en bemoedigen en alsjeblieft, spreek zelf ook altijd voedend en bemoedigend tot het moedeloze volk van God.
Spreek met diepe liefde en respect tot hun hart, want God heeft zijn kinderen zo lief. Gebruik eventueel ook deze bemoediging, stuur een kaartje, stuur de mail van de Bemoedigingssite door... Bemoedigen is het hart van God delen! Uitdelen!
Gods zegen en graag tot de vo
|
|
|
 |
 Profetie over Damaskus en Efraim
Religie/Christendom | Gebed
|
06 Februari 2012 | 15:17:33
 |
Profetie over Damascus en Efraïm
1 De Godsspraak over Damascus.
Zie, Damascus wordt weggenomen, zodat het geen stad meer is: het wordt een puinhoop, een bouwval. 2 Verlaten liggen de steden van Aroër, zij zijn voor de kudden, die er legeren zonder dat iemand ze opschrikt. 3 Dan verdwijnt de vesting uit Efraïm en het koningschap uit Damascus en de rest van Aram; het zal met hen gaan als met de heerlijkheid der Israëlieten, luidt het woord van de HERE der heerscharen.
4 En het zal te dien dage geschieden, dat de heerlijkheid van Jakob gering zal worden, en dat het vet van zijn lichaam zal wegslinken. 5 En het zal zijn zoals een maaier het staande koren samengrijpt en zijn arm de aren afsnijdt, ja, het zal zijn zoals iemand aren leest in het dal Refaïm. 6 Doch een nalezing blijft ervan over z...oals bij het afslaan van olijven, twee of drie vruchten boven in de top, vier of vijf aan de twijgen van de vruchtboom, luidt het woord van de HERE, de God van Israël. 7 Te dien dage zal de mens de blik richten op zijn Maker en zijn ogen zullen zien naar de Heilige Israëls; 8 hij zal de blik niet richten naar de altaren, het maaksel van zijn eigen handen; en hetgeen zijn eigen vingers gemaakt hebben, de gewijde palen en de wierookaltaren, zal hij niet aanzien. 9 Te dien dage zullen zijn vestingsteden zijn als een verlaten gebied in het woud en op een bergtop, dat men vanwege de Israëlieten verlaten heeft, en het zal een woestenij wezen. 10 Want gij hebt de God uws heils vergeten en aan de Rots, uw burcht, hebt gij niet gedacht. Daarom legt gij bekoorlijke aanplantingen aan en beplant die met vreemde stekken; 11 op de dag dat gij plant, doet gij ze opschieten, en des morgens laat gij uw zaaisel bloeien – weg is de oogst op de dag van ziekte en ongeneeslijke smart!
Het lot der plunderaars
12 Wee, een rumoer van vele volken, die rumoer maken als rumoerige zeeën, en een gebruis van natiën, die bruisen zoals geweldige wateren bruisen. 13 Natiën bruisen zoals geweldige wateren bruisen, maar dreigt Hij ze, dan vluchten zij ver weg en worden opgejaagd als kaf op de bergen vóór de wind uit en als een werveldistel vóór de storm uit. 14 Ten tijde des avonds, zie, daar is verschrikking; voordat het morgen wordt, zijn zij er niet meer. Dit is het deel van hen die ons plunderen, en het lot van hen die ons beroven. |
|
|
 |
 shabbat shalom,fijne zondag en week!
Religie/Christendom | Zegen
|
03 Februari 2012 | 11:56:19
 |
 Scherven brengen geluk
shabbat shalom!
Met de scherven van je leven
Hoef je niet te blijven staan,
Alle fouten, alle zonden,
Krijg je zelf niet ongedaan.
Ja, we passen en we meten
Alle stukjes aan elkaar,
Maar geen mens komt met de brokken,
Die hij eenmaal maakte,klaar.
Zijn je krachten soms gebroken
Of je huwelijk, je gezin,
Je kunt nog zoveel proberen
Maar je krijgt geen nieuw begin.
Breng de scherven van je leven
Maar naar God toe, stuk voor stuk,
Laat Hem helen, dan pas brengen
Deze scherven toch geluk.
|
|
|
 |
 shabbat shalom,fijne zondag en week!
Religie/Christendom | Vrede van Jeruzalem
|
27 Januari 2012 | 11:49:03
 |
|
shabbat shalom, fijne zondag en week!Kun je de stilte van de zee horen? Luister.
Kun je de stilte van de stilte van de wereld horen? Luister.
de stilte van de wegdrijvende wolken,
de bloemen die opengaan.
Luister. Luister.
kun je de stilte van Mijn Tegenwoordigheid horen? Luister.
ken je het fluisteren in je oor?
mijn liefde voor jou.
Luister, mijn geliefde. Luister, mijn geliefde.
Kun je mijn stilte diep in je binnenste voelen? Luister.
ken je het kalmeren door Mijn Geest? luister.
Ontvang mijn stilte, ken Mijn Stem.
Omarm Mijn geest.
Luister, ontvang, luister.
|
|
|
 |
 Holocaust Memorial Day
Religie/Jodendom | Gebed
|
26 Januari 2012 | 12:01:50
 |
Ter gelegenheid van Holocaust Memorial Day is er op vrijdag 27 januari van 13.00 tot 15.00 uur een speciale bijeenkomst in het Israëlcentrum, Patroonstraat 1 in Nijkerk. Onderwerp is ‘de vergeten Holocaust’ in Oekraïne, waar in de Tweede Wereldoorlog 1,7 miljoen Joden zijn omgekomen, bijna twee miljoen van de in totaal zes. Voor bezoekers is er vooraf een kopje soep; wel zelf een lunchpakketje meebrengen s.v.p. Iedereen is welkom en de toegang is vrij.
Anders dan in Polen werden de meeste Joden in Oekraïne geëxecuteerd en ter plekke begraven. Na de oorlog was hierover lang weinig bekend. Enkele deelnemers aan een enerverende Oekraïnereis in oktober jl. zullen vertellen wat ze daar gehoord hebben, en laten op een groot scherm beelden zien die tijdens de reis zijn gemaakt. Bezoekers van de bijeenkomst op 27 januari kunnen zich telefonisch in kantoortijd aanmelden via 033-2458824 en per e-mail: bijeenkomst@christenenvoorisrael.nl Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. .
Zeventig jaar geleden
Op 20 januari is het precies zeventig jaar geleden dat de nazi’s tijdens de Wannsee-conferentie besloten tot de ‘Endlösung der Judenfrage’, de ‘definitieve oplossing van het Jodenvraagstuk’. We weten allemaal waartoe dat heeft geleid: een tot dan toe ongekende massamoord op Joden in heel Europa, ook in Nederland. Maar terwijl we in eigen land tegenwoordig toch heel wat weten over hoe het de Joden in ons land tijdens de Tweede Wereldoorlog is vergaan, wisten we heel lang heel weinig over de geheime doodseskaders in de toenmalige Sovjetrepubliek Oekraïne, waar dorp na dorp overhoop werd gehaald en alle aanwezige Joodse inwoners met de kogel in massagraven werden gedood.
Het beleid van de nazi’s in Oekraïne was heel kil. Anders dan in Polen, waar Joden werden vermoord in vernietigingskampen, werden de meeste Joden geëxecuteerd. Het massagraf van Babi Yar in de Oekraïense hoofdstad Kiëv is daar een schrijnend voorbeeld van. Eind september 1941, slechts enkele maanden na de inval van de nazi’s in juni, zijn daar in slechts enkele dagen tijd naar schatting 80.000 á 90.000 Joden om het leven gebracht en in een ravijn gestort. Klik voor ware grootte'het beeld van de kleine jongen die ontsteld de affiche leest in verband met het bevel het Joodse volk op een bepaalde plek bijeen te drijven'.
“Wat mij zeer heeft aangegrepen is het beeld van de kleine jongen die ontsteld de affiche leest in verband met het bevel het Joodse volk op een bepaalde plek bijeen te drijven,” schrijft Jesje van ’t Loo, een van degenen die in de eerste week van vorig jaar oktober via Christenen voor Israël mee op reis gingen om – zoals het was aangekondigd – ‘meer te leren over het Joodse leven voor, tijdens en na de Holocaust.’
Vlabij Babi Yar ‘hoorden we het ontstellende verhaal dat rond 1960 een stroom van modder, puin en joodse beenderen de stad kwam binnenvallen van enkele meters hoog vanaf Babi Yar. Deze massa heeft vele wachtenden op de bus en busreizigers bedolven. De inwoners van Kiëv zelf zeiden tegen elkaar dat “het ’t bloed was dat van de Joden sprak…”.’
Onvoorstelbaar en grotendeels onbekend In oktober jl. schreven ook andere deelnemers aan de reis in een schriftje wat hun vooral was opgevallen. Piet van der Wolf: ‘Natuurlijk heb je wel eens wat gelezen over Babi Yar, maar dat de vernietiging van het Jodendom zo systematisch, direct na aankomst van de bezetters uitgevoerd werd, dat is onvoorstelbaar en grotendeels in ons land onbekend. Het ging geen dorp voorbij. Binnen de kortste keren werden de Joden verzameld en naar een plaats buiten het dorp of zelfs in het dorp gebracht, waar zij zich moesten uitkleden om vervolgens in een groeve of gegraven kuil doodgeschoten te worden. De meeste kleine kinderen werden levend in de kuil geworpen. Klik voor ware grootteBeeld van Piet van der Wolf naar aanleiding van de Oekraïnereis.
Er zijn vele getuigenissen, o.a. in het boek Holocaust door kogels, dat de aarde na zo’n executie nog drie dagen bewoog omdat niet iedereen direct dood was. Heel bijzonder vond ik de ontmoeting met Eliëzer, die ons naar vier massagraven buiten het dorp bracht. Het mooie landschap daar gaf een vredige indruk, maar wanneer je daar dan bij de afgrond staat komt er een beklemming die niet te vatten is…’
(Piet van der Wolf zal op 27 januari in Nijkerk op een wit scherm een indrukwekkende serie ‘gemengde technieken’ laten zien: zwart/wit-impressies met zijn eigen kijk op de Holocaust.)
Niet te bevatten wat het Joodse volk is aangedaan
In het schriftje staat ook een getuigenis van André en Henriëtte van Dooren, die in Nijkerk een ruim zes minuten durende powerpointpresentatie zullen geven van tijdens de reis gemaakte beelden, vergezeld van een toelichting op basis van verhalen die door Oekraïners tijdens de reis werden verteld.
‘Het is niet te bevatten wat het Joodse volk is aangedaan,’ schrijven ze. ‘Het heeft ons zeer getroffen dat Rita en de andere overlevenden ons dit willen en kunnen vertellen. Onze liefde voor het Joodse volk is dieper geworden door dit alles. We voelen ons zeer gezegend om deze reis mee te maken. Jesaja 40 is voor ons gaan leven. Ondanks alle ellende stralen de overlevenden kracht uit. Wij zullen hierover niet zwijgen.’
In mei en oktober a.s. zijn er nieuwe reizen voor een kennismaking met verleden, heden en toekomst van het Jodendom in Oekraïne. De reizen staan onder leiding van Koen Carlier, sinds april 2004 voor Christenen voor Israël werkzaam als alija-veldwerker in Oekraïne. Hij is er om Joodse mensen in de verstrooiing te vertellen dat ze naar Israël kunnen gaan en hen waar nodig hierbij te helpen. Dit gebeurt in samenwerking met het Joods Agentschap.
|
|
 |
 Parashat Hashavuah
Religie/Christendom | Vrede van Jeruzalem
|
20 Januari 2012 | 10:31:19
 |
Parashat Hashavuah~וארא/Va'era/en ik verscheen-26 Tevet 5772/21 Jan. 2012
וארא/Va'era/en ik verscheen
Thora: Shemot/Exodus 6:2-9.35
Haftarah: Yechezk'el/Ezechiël 28:25-29:21
B’rit haChadasha: Matit’yahu/Mattheüs 12:1-14
Shemot 6:2-9:35, 2 Voorts sprak God tot Moshè en zeide tot hem: Ik ben de Eeuwige. 3 Ik ben aan Avraham, Itschak en Ya’akov verschenen als God de Almachtige, maar met mijn naam de Eeuwige ben Ik hun niet bekend geweest. 4 Niet alleen heb Ik mijn verbond met hen opgericht om hun het land Kanaan te geven , het land hunner vreemdelingschap, waar zij als vreemdelingen vertoefd hebben; 5 maar ook heb Ik de klacht der Israëlieten gehoord, die door de Egyptenaren tot slaven gemaakt zijn, en Ik heb gedacht aan mijn verbond. 6 Zeg derhalve tot de Israëlieten: Ik ben De Eeuwige, Ik zal u onder de dwangarbeid der Egyptenaren uitleiden, u redden van hun slavernij en u verlossen door een uitgestrekte arm en onder zware gerichten. 7 Ik zal Mij u tot een volk aannemen en Ik zal u tot een God zijn, opdat gij weet, dat Ik, de Eeuwige, uw God, het ben, die u onder de dwangarbeid der Egyptenaren uitleid. 8 En Ik zal u brengen naar het land, waarvan Ik gezworen heb het aan Avraham, Itschak en Ya’akov te zullen geven, en Ik zal het u geven tot een bezitting, Ik de Eeuwige. 9 Toen sprak Moshè aldus tot de Israëlieten, maar zij luisterden niet naar Moshè uit ongeduld en wegens de harde slavernij. 10 Vervolgens zeide de Eeuwige tot Moshè : 11 Ga naar Farao, de koning van Egypte, en zeg, dat hij de Israëlieten uit zijn land moet laten gaan. 12 Maar Moshè sprak voor het aangezicht van de Eeuwige: De Israëlieten luisterden niet eens naar mij, hoe zou dan Farao naar mij luisteren, terwijl ik zo slecht ter tale ben? 13 De Eeuwige echter sprak tot Moshè en Aharon en vaardigde hen af naar de Israëlieten en naar Farao, de koning van Egypte, om de Israëlieten uit het land Egypte te leiden. 14 Dit zijn hun familiehoofden: De zonen van Ruben, de eerstgeborene van Israël: Chanok , Pallu, Chesron en Karmi; dit zijn de geslachten van Ruben. 15 De zonen van Simeon: Jemuel, Jamin, Ohad , Jakin, Sochar en Saul, de zoon ener Kanaanitische; dit zijn de geslachten van Simeon. 16 En dit zijn de namen van de zonen van Levi naar de volgorde van hun geboorten: Gerson, Kehat en Merari. En de levensjaren van Levi waren honderd zevenendertig jaar. 17 De zonen van Gerson: Libni en Simi, naar hun geslachten. 18 De zonen van Kehat: Amram, Jishar, Chebron en Uzziel. En de levensjaren van Kehat waren honderd drieendertig jaar. 19 De zonen van Merari: Machli en Musi. Dit zijn de geslachten van Levi naar de volgorde van hun geboorten. 20 En Amram nam zich Jokebed, zijn tante , tot vrouw, en zij baarde hem Aharon en Moshè . En de levensjaren van Amram waren honderd zevenendertig jaar. 21 De zonen van Jishar: Korach, Nefeg en Zikri. 22 De zonen van Uzziel: Misael, Elsafan en Sitri. 23 En Aharon nam zich Eliseba, de dochter van Amminadab, de zuster van Nachson, tot vrouw , en zij baarde hem Nadab, Abihu, Eleazar en Itamar. 24 De zonen van Korach: Assir, Elkana en Abiasaf; dit zijn de geslachten van de Korachieten. 25 Eleazar, de zoon van Aharon, nam zich een der dochters van Putiel tot vrouw, en zij baarde hem Pinechas. Dit zijn de familiehoofden der Levieten naar hun geslachten. 26 Dit zijn Aharon en Moshè , tot wie de Eeuwige gezegd heeft: Leidt de Israëlieten uit het land Egypte volgens hun legerscharen. 27 Zij zijn het, die tot Farao, de koning van Egypte, gesproken hebben, dat hij de Israëlieten uit Egypte zou laten gaan. Dit zijn Moshè en Aharon. 28 Ten dage, dat de Eeuwige sprak tot Moshè in het land Egypte, 29 sprak de Eeuwige tot Moshè aldus: Ik ben de Eeuwige; zeg tot Farao, de koning van Egypte, alles wat Ik tot u zeg. 30 Maar Moshè zeide voor het aangezicht van de Eeuwige: Ik ben immers slecht ter tale; hoe zou Farao dan naar mij luisteren? 7:1 De Eeuwige echter zeide tot Moshè : Zie, Ik stel u als God voor Farao; en uw broeder Aharon zal uw profeet zijn. 2 Gij zult alles zeggen wat Ik u gebied , en uw broeder Aharon zal bij Farao het woord voeren, opdat deze de Israëlieten uit zijn land laat gaan. 3 Maar Ik zal het hart van Farao verstokken , en Ik zal mijn tekenen en wonderen talrijk maken in het land Egypte, 4 doch Farao zal naar u niet luisteren. Daarom zal Ik mijn hand op Egypte leggen en mijn legerscharen, mijn volk, de Israëlieten, uit het land Egypte leiden onder zware gerichten. 5 En de Egyptenaren zullen weten, dat Ik de Eeuwige ben, wanneer Ik mijn hand tegen Egypte uitstrek en de Israëlieten uit hun midden wegleid. 6 Aldus deden Moshè en Aharon; zoals de Eeuwige hun geboden had, zo deden zij. 7 Moshè nu was tachtig jaar oud en Aharon drieëntachtig jaar, toen zij tot Farao spraken. 8 En de Eeuwige zeide tot Moshè en Aharon: 9 Wanneer Farao tot u zegt: vertoon een wonderteken, dan zult gij tot Aharon zeggen: neem uw staf en werp die neer voor het aangezicht van Farao; dan zal hij een slang worden. 10 Moshè en Aharon kwamen tot Farao en zij deden, zoals de Eeuwige geboden had ; Aharon wierp zijn staf neer voor het aangezicht van Farao en zijn dienaren, en hij werd een slang. 11 Daarop riep Farao van zijn kant de wijzen en de tovenaars en ook zij, de Egyptische geleerden, deden door hun toverkunsten hetzelfde. 12 Ieder wierp zijn staf neer en deze werden tot slangen; de staf van Aharon echter verslond hun staven. 13 Maar het hart van Farao verhardde en hij luisterde niet naar hen, zoals de Eeuwige gezegd had. 14 En de Eeuwige zeide tot Moshè : Het hart van Farao is onvermurwbaar, hij weigert het volk te laten gaan. 15 Ga in de morgen tot Farao; zie, hij is gewoon naar het water te gaan, gij zult hem opwachten aan de oever van de Nijl en de staf, die in een slang veranderd is geweest, in uw hand nemen. 16 En gij zult tot hem zeggen: De Eeuwige, de God der Hebreeën, heeft mij tot u gezonden met de boodschap: laat mijn volk gaan, om Mij te dienen in de woestijn; maar zie, tot nu toe hebt gij niet willen horen . 17 Zo zegt de Eeuwige: hieraan zult gij weten, dat Ik de Eeuwige ben: zie, ik zal met de staf die in mijn hand is, op het water in de Nijl slaan; het zal in bloed veranderd worden, 18 en de vis in de Nijl zal sterven, zodat de Nijl zal stinken; dan zullen de Egyptenaren het water uit de Nijl niet kunnen drinken. 19 Toen zeide de Eeuwige tot Moshè : Zeg tot Aharon: neem uw staf en strek uw hand uit over de wateren der Egyptenaren, over hun stromen, hun kanalen , hun poelen en al hun verzamelplaatsen van water, opdat zij bloed worden, en er zal bloed zijn in het gehele land Egypte, zelfs in het houten en stenen vaatwerk. 20 En Moshè en Aharon deden, zoals de Eeuwige geboden had; hij hief de staf op en sloeg het water in de Nijl voor de ogen van Farao en zijn dienaren, en al het water in de Nijl werd in bloed veranderd; 21 de vis in de Nijl stierf, zodat de Nijl stonk en de Egyptenaren het water uit de Nijl niet konden drinken; en er was bloed in het gehele land Egypte. 22 Maar de Egyptische geleerden deden door hun toverkunsten hetzelfde, zodat het hart van Farao verhardde en hij naar hen niet luisterde, zoals de Eeuwige gezegd had . 23 Farao wendde zich af, ging naar huis en nam ook dit niet ter harte. 24 Alle Egyptenaren echter groeven in de omgeving van de Nijl naar water om te drinken , want Nijlwater konden zij niet drinken. 25 Zo verliepen zeven volle dagen, nadat de Eeuwige de Nijl geslagen had. 8:1 Daarna zeide de Eeuwige tot Moshè : Ga tot Farao en zeg tot hem: zo zegt de Eeuwige: laat mijn volk gaan, om Mij te dienen; 2 indien gij weigert het te laten gaan, zal Ik uw gehele gebied met kikvorsen teisteren. 3 De Nijl zal wemelen van kikvorsen, zij zullen komen opzetten en in uw huis en slaapkamer binnendringen, ja, op uw bed, en in de huizen van uw dienaren en onder uw volk, ja, in uw bakovens en baktroggen. 4 Tegen u, uw volk en al uw dienaren zullen de kikvorsen opkomen. 5 Voorts zeide de Eeuwige tot Moshè : Zeg tot Aharon: strek uw hand met uw staf uit over de stromen, de kanalen en de poelen, en doe kikvorsen opkomen over het land Egypte. 6 Toen strekte Aharon zijn hand uit over de wateren van Egypte, en de kikvorsen kwamen opzetten en bedekten het land Egypte. 7 Maar de geleerden deden hetzelfde door hun toverkunsten, zodat zij kikvorsen over het land Egypte deden opkomen. 8 Toen riep Farao Moshè en Aharon en zeide: Bidt tot de Eeuwige, dat Hij de kikvorsen van mij en mijn volk wegdoe; dan zal ik het volk laten gaan, om de Eeuwige offers te brengen. 9 En Moshè zeide tot Farao: Verwaardig u mij te zeggen, tegen wanneer ik voor u, uw dienaren en uw volk zal bidden om uitroeiing der kikvorsen bij u en uit uw huizen ; alleen in de Nijl zullen zij overblijven. 10 En hij zeide: Tegen morgen. Toen zeide hij: Zoals gij beveelt, opdat gij weet , dat er niemand is gelijk de Eeuwige, onze God: 11 de kikvorsen zullen u, uw huizen, uw dienaren en uw volk verlaten; alleen in de Nijl zullen zij overblijven. 12 Toen gingen Moshè en Aharon van Farao heen, en Moshè riep tot de Eeuwige vanwege de kikvorsen, waarmee Hij Farao bezocht had. 13 En de Eeuwige deed naar het woord van Moshè , zodat de kikvorsen uit de huizen, uit de hoven en van de velden wegstierven. 14 Men verzamelde ze bij hopen, zodat het land ervan stonk. 15 Maar toen Farao zag, dat er verlichting was ingetreden, liet hij zijn hart niet vermurwen en luisterde niet naar hen, zoals de Eeuwige gezegd had. 16 En de Eeuwige zeide tot Moshè : Zeg tot Aharon: strek uw staf uit en sla het stof der aarde; het zal tot muggen worden in het gehele land Egypte. 17 Toen deden zij aldus; Aharon strekte zijn hand uit met zijn staf en sloeg het stof der aarde, en de muggen kwamen op mens en dier. Alle stof der aarde werd muggen in het gehele land Egypte. 18 Ook de geleerden deden hetzelfde om door hun toverkunsten de muggen te voorschijn te brengen ; maar zij konden het niet. En de muggen kwamen op mens en dier. 19 Toen zeiden de geleerden tot Farao: Dit is Gods vinger. Maar het hart van Farao verhardde, en hij luisterde niet naar hen, zoals de Eeuwige gezegd had. 20 En de Eeuwige zeide tot Moshè : Sta vroeg in de morgen op en stel u voor Farao ; zie, hij is gewoon naar het water te gaan , en gij zult tot hem zeggen: zo zegt de Eeuwige: laat mijn volk gaan, om Mij te dienen; 21 want indien gij mijn volk niet laat gaan, dan zal Ik tegen u, uw dienaren, uw volk en uw huizen steekvliegen loslaten, zodat de huizen der Egyptenaren, ja zelfs de bodem, waarop zij zich bevinden, vol steekvliegen zijn. 22 Maar op die dag zal Ik het land Gosen, waar mijn volk verblijf houdt, uitzonderen, dat daar geen steekvliegen voorkomen; opdat gij weet, dat Ik, de Eeuwige, in het land ben. 23 Want Ik zal mijn volk van uw volk bevrijden. Morgen zal dit teken geschieden. 24 De Eeuwige deed alzo; en er kwamen steekvliegen in zwermen in het huis van Farao en van zijn dienaren en in het gehele land Egypte; het land werd geteisterd door de steekvliegen. 25 Toen ontbood Farao Moshè en Aharon en zeide: Gaat, offert aan uw God in dit land. 26 Maar Moshè zeide: Het is onmogelijk zo te doen, wij zouden aan de Eeuwige, onze God, offeren, wat de gruwel der Egyptenaren is. Wanneer wij datgene, wat de gruwel der Egyptenaren is, voor hun ogen zouden offeren, zouden zij ons dan niet stenigen? 27 Wij willen drie dagreizen ver de woestijn intrekken en de Eeuwige, onze God, offers brengen, zoals Hij ons gezegd heeft. 28 Toen zeide Farao: Ik zal u laten gaan om aan de Eeuwige, uw God, in de woestijn te offeren; slechts moogt gij niet al te ver weggaan. Bidt voor mij. 29 Toen zeide Moshè : Zie, ik ga van u heen en zal tot de Eeuwige bidden, en de steekvliegen zullen Farao , zijn dienaren en zijn volk, morgen verlaten; alleen, dat Farao niet langer bedrieglijk handele, door het volk niet te laten gaan om de Eeuwige een offer te brengen. 30 Daarop ging Moshè van Farao heen en bad de Eeuwige. 31 En de Eeuwige deed naar het woord van Moshè : de steekvliegen verlieten Farao, zijn dienaren en zijn volk; niet een bleef er over. 32 Toch liet Farao zijn hart ook ditmaal niet vermurwen; hij liet het volk niet gaan. 9:1 En de Eeuwige, zeide tot Moshè : Ga tot Farao en spreek tot hem: zo zegt de Eeuwige de God der Hebreeën: laat mijn volk gaan om Mij te dienen. 2 Want indien gij weigert hen te laten gaan en hen nog weerhoudt, 3 dan zal de hand van de Eeuwige zijn tegen uw vee, dat in het veld is, tegen de paarden, de ezels, de kamelen, de runderen en het kleinvee , een zeer zware pest. 4 En de Eeuwige zal het vee van Israël afzonderen van het vee der Egyptenaren, zodat er geen stuk van het vee dat de Israëlieten bezitten, zal sterven. 5 De Eeuwige stelde voorts een bepaalde tijd vast en zeide: Morgen zal de Eeuwige dit doen in het land. 6 En de Eeuwige deed dit op de volgende dag; al het vee van de Egyptenaren stierf, maar niet een stuk van het vee der Israëlieten stierf. 7 Toen zond Farao heen en zie, van het vee der Israëlieten was zelfs niet een stuk gestorven. Toch bleef het hart van Farao onvermurwbaar en liet hij het volk niet gaan. 8 En de Eeuwige zeide tot Moshè en Aharon: Neemt uw handen vol roet uit een smeltoven, en laat Moshè dit in de lucht strooien ten aanschouwen van Farao. 9 Dan zal het tot stof over het gehele land Egypte worden, het zal bij mens en dier in het gehele land Egypte tot zweren worden, die als puisten uitbreken. 10 Toen namen zij roet uit een smeltoven, gingen voor Farao staan en Moshè strooide het in de lucht en er kwamen bij mens en dier zweren, die als puisten uitbraken, 11 zodat de geleerden niet konden blijven staan voor Moshè , vanwege de zweren; want de geleerden kregen evenzeer zweren als alle Egyptenaren. 12 Maar de Eeuwige verhardde het hart van Farao, zodat hij naar hen niet luisterde, zoals de Eeuwige tot Moshè gezegd had. 13 En de Eeuwige zeide tot Moshè : Sta vroeg in de morgen op, en stel u voor Farao en zeg tot hem: zo zegt de Eeuwige, de God der Hebreeën: laat mijn volk gaan om Mij te dienen. 14 Want ditmaal zal Ik al mijn plagen laten losbreken tegen u persoonlijk, tegen uw dienaren en uw volk, opdat gij weet , dat er niemand is op de gehele aarde, zoals Ik. 15 Reeds nu had Ik mijn hand kunnen uitstrekken om u en uw volk met de pest te slaan en zoudt gij van de aarde weggevaagd zijn; 16 doch hierom laat Ik u bestaan, om u mijn kracht te tonen, opdat men mijn naam verkondige op de gehele aarde. 17 Nog steeds verzet gij u tegen mijn volk, zodat gij het niet laat gaan. 18 Zie, Ik zal het morgen om deze tijd zeer zwaar laten hagelen, zoals in Egypte nog niet gebeurd is van de dag af, dat het gegrondvest werd, tot nu toe. 19 Nu dan, laat uw kudde en alles wat gij op het veld hebt, in veiligheid brengen; op alle mensen en al het vee, die zich op het veld bevinden en niet thuis gehaald zijn, zal de hagel neervallen, zodat zij sterven. 20 Wie onder de dienaren van Farao het woord van de Eeuwige vreesde, liet zijn knechten en zijn vee in de huizen een toevlucht zoeken, 21 maar wie geen acht sloeg op het woord van de Eeuwige, liet zijn knechten en zijn kudde op het veld blijven. 22 En de Eeuwige zeide tot Moshè : Strek uw hand uit naar de hemel, opdat er hagel over het gehele land Egypte kome, over mens en dier en over al het veldgewas in het land Egypte. 23 Toen strekte Moshè zijn staf uit naar de hemel, en de Eeuwige liet het donderen en hagelen, vuur schoot naar de aarde, en de Eeuwige deed het hagelen over het land Egypte. 24 En, terwijl er vuur door de hagelbuien heen flikkerde, hagelde het zo buitengewoon zwaar als nooit tevoren in het gehele land der Egyptenaren, sinds zij tot een volk geworden waren. 25 De hagel sloeg in het gehele land Egypte alles neer, wat op het veld was, van mens tot dier; ook al het veldgewas sloeg de hagel neer en alle bomen op het veld deed hij afknappen. 26 Alleen in het land Gosen, waar de Israëlieten woonden, hagelde het niet. 27 Toen liet Farao Moshè en Aharon ontbieden en zeide tot hen: Ik heb ditmaal gezondigd, de Eeuwige is rechtvaardig , maar ik en mijn volk zijn schuldig. 28 Bidt tot de Eeuwige; de donderslagen Gods en de hagel zijn te erg. Dan zal ik u laten gaan, gij behoeft niet langer te blijven. 29 En Moshè zeide tot hem: Zodra ik buiten de stad gekomen ben, zal ik mijn handen uitbreiden tot de Eeuwige; de donderslagen zullen ophouden en het zal niet meer hagelen , opdat gij weet, dat de aarde aan de Eeuwige toebehoort. 30 Maar wat u en uw dienaren aangaat, ik weet , dat gij nog niet vreest voor het aangezicht van de Eeuwige God. 31 Het vlas en de gerst nu waren neergeslagen , want de gerst stond in de aar en het vlas was in bloei. 32 Maar de tarwe en de spelt waren niet neergeslagen, want die komen later. 33 En Moshè ging van Farao heen, de stad uit, en hij breidde zijn handen uit tot de Eeuwige; toen hielden de donderslagen en de hagel op en de regen stroomde niet meer op de aarde neer. 34 Maar toen Farao zag, dat de regen, de hagel en de donderslagen hadden opgehouden , ging hij voort met zondigen; hij liet zijn hart niet vermurwen, hij noch zijn dienaren. 35 Het hart van Farao verhardde, zodat hij de Israëlieten niet liet gaan, zoals de Eeuwige door Moshè gezegd had.
Yechezk'el 28:25-29:21, 25 Zo zegt Adonai de Eeuwige: Als Ik het huis Israëls bijeenverzamel uit de natiën, in wier land zij verstrooid zijn, dan zal Ik Mij ten aanschouwen van de volken aan hen de Heilige betonen, en zij zullen wonen in hun land, dat Ik aan mijn knecht Ya’akov gegeven heb. 26 Zij zullen daar veilig wonen en huizen bouwen en wijngaarden planten; ja veilig zullen zij wonen, terwijl Ik gerichten voltrek aan allen uit hun omgeving, die hen veracht hebben. En zij zullen weten, dat Ik, de Eeuwige, hun God ben. 29:1 In het tiende jaar, in de tiende maand, op de twaalfde der maand, kwam het woord van de Eeuwige tot mij: 2 Mensenkind, keer uw gelaat naar Farao, de koning van Egypte, en profeteer tegen hem en tegen geheel Egypte. 3 Spreek en zeg: zo zegt de Eeuwige de Here: zie, Ik zal u, Farao, koning van Egypte! gij machtig monster, dat ligt te midden van uw Nijlarmen, dat zegt : van mij zijn mijn Nijlarmen, zelf heb ik ze voor mij gemaakt. 4 Haken ga Ik slaan in uw kaken, de vissen van uw Nijlarmen zal Ik aan uw schubben doen vastkleven; dan zal Ik u ophalen uit uw Nijlarmen met al de vissen van uw Nijlarmen, die aan uw schubben vastkleven; 5 en Ik zal u neerwerpen in de woestijn, u met al de vissen van uw Nijlarmen. Op het open veld zult gij neervallen; gij zult niet opgeraapt noch weggehaald worden; aan het gedierte der aarde en aan het gevogelte des hemels geef Ik u tot spijs. 6 En alle inwoners van Egypte zullen weten , dat Ik de Eeuwige ben, want zij zijn voor het huis Israels een rietstaf: 7 grijpt dit u met de hand vast, dan knakt gij en rijt hun allen de schouder open; leunen zij op u, dan breekt gij en brengt hun aller heup aan het wankelen. 8 Daarom, zo zegt de Eeuwige de Here, zie, Ik breng een zwaard over u, Ik ga mens en dier uit u uitroeien, 9 zodat het land Egypte wordt tot een woestenij en een puinhoop, en zij zullen weten , dat Ik de Eeuwige ben. Omdat gij gezegd hebt: Van mij is de Nijl, zelf heb ik hem gemaakt, 10 zie, daarom keer Ik Mij tegen u en tegen uw Nijlarmen en zal Ik het land Egypte tot een volkomen puinhoop maken, een wildernis van Migdol af tot Syene toe, tot aan de grens van Ethiopie. 11 Geen mensenvoet zal er doorheen trekken , zelfs geen dierepoot zal er doorheen trekken; het zal onbewoond blijven, veertig jaar. 12 Ik zal het land Egypte maken tot een woestenij te midden van verwoeste landen ; zijn steden zullen een woestenij zijn te midden van verdelgde steden, veertig jaar; Ik zal de Egyptenaren onder de volken verstrooien en hen verspreiden over de landen. 13 Want zo zegt de Eeuwige de Here: na verloop van veertig jaar zal Ik de Egyptenaren bijeenverzamelen uit de volken , in wier land zij verstrooid zijn. 14 En Ik zal een keer brengen in het lot der Egyptenaren en hen doen terugkeren naar het land Patros, naar hun land van herkomst, en daar zullen zij een onbeduidend koninkrijk zijn. 15 Het zal het onbeduidendste onder de koninkrijken zijn, zodat het zich niet meer boven de volken verheffen kan. Ik zal hen klein maken , zodat zij niet heersen over de volken. 16 Dan zal het niet meer het vertrouwen kunnen uitmaken van het huis Israëls, een vertrouwen, dat aan schuld herinnert, wanneer zij zich achter hen scharen. En zij zullen weten , dat Ik de Eeuwige de Here ben. 17 In het zevenentwintigste jaar, in de eerste maand, op de eerste der maand, kwam het woord van de Eeuwige tot mij: 18 Mensenkind, Nebukadressar, de koning van Babel, heeft zijn leger een zware strijd laten voeren tegen Tyrus: alle hoofden zijn kaal geworden en alle schouders ontveld, maar noch hem noch zijn leger is uit Tyrus enig loon ten deel gevallen voor de strijd die hij daartegen gevoerd heeft. 19 Daarom, zo zegt de Eeuwige de Here, zie, ik ga aan Nebukadressar, de koning van Babel , het land Egypte geven, om daaruit de rijkdom weg te voeren, buit te behalen en roof te plegen: dat zal het loon zijn voor zijn leger. 20 Als vergoeding voor zijn dienst zal Ik hem het land Egypte geven, want zij hebben voor Mij gewerkt, luidt het woord van de Eeuwige de Here. 21 Te dien dage zal Ik voor het huis Israels een hoorn doen uitspruiten, en aan u zal Ik vrijmoedigheid geven om te midden van hen te spreken. En zij zullen weten, dat Ik de Eeuwige ben. 30:1 Het woord van de Eeuwige kwam tot mij: 2 Mensenkind, profeteer en zeg: zo zegt de Eeuwige de Here: weeklaagt: ach, die dag! 3 Want nabij is de dag, ja, nabij is een dag van de Eeuwige, een dag van wolken, het uur der volken zal het zijn. 4 Een zwaard zal in Egypte komen; siddering zal er zijn in Ethiopie, wanneer er doden vallen in Egypte, en wanneer men zijn rijkdom wegneemt en zijn fundamenten worden vernield. 5 Ethiopie, Put, Lud, heel de gemengde bevolking, Kub en de zonen van het met hen verbonden land zullen met hen door het zwaard vallen. 6 Zo zegt de Eeuwige: Zij die Egypte steunen, zullen vallen; zijn trotse kracht zal neerzinken. Van Migdol tot Syene toe zullen zij daar door het zwaard vallen , luidt het woord van de Eeuwige de Here. 7 Verwoest zal het liggen te midden van verwoeste landen, zijn steden te midden van verdelgde steden. 8 En zij zullen weten, dat Ik de Eeuwige ben, wanneer Ik vuur breng in Egypte en al zijn helpers vernietigd worden. 9 Te dien dage zullen boden van Mij uitgaan op schepen, om het onbezorgde Ethiopie schrik aan te jagen, en er zal siddering onder hen zijn op de dag van Egypte. Want zie; Het komt! 10 Zo zegt de Eeuwige de Here: Ja, Ik zal een einde maken aan de drommen van Egypte door de hand van Nebukadressar, de koning van Babel. 11 Hij en zijn volk, de gewelddadigste der volken, worden aangevoerd om het land te verwoesten; zij zullen hun zwaarden tegen Egypte trekken en het land met doden vullen. 12 Ik zal de Nijlarmen droogleggen en het land aan booswichten overgeven; Ik zal het land, met al wat erop is, verwoesten door de hand van vreemden. Ik, de Eeuwige, heb het gesproken. 13 Zo zegt de Eeuwige de Here: Ja, Ik zal de afgoden vernietigen en de schijngoden uit Nof doen verdwijnen; er zal geen Egyptische vorst meer zijn. En Ik zal vrees brengen over het land Egypte, 14 Patros verwoesten, vuur leggen in Soan en gerichten voltrekken aan No. 15 Ik zal mijn grimmigheid uitstorten over Sin, de vesting van Egypte, en Ik zal de menigte van No uitroeien. 16 Vuur zal Ik leggen in Egypte. Sin zal hevig beven; in No zullen bressen geslagen worden; en wat Nof betreft: vijanden bij dag! 17 De jongelingen van Awen en Pi-beset zullen door het zwaard vallen en zij zelf zullen in gevangenschap gaan. 18 In Tachpanches zal de dag verduisterd worden , wanneer Ik daar de Egyptische macht verbreek. Vernietigd wordt daarin zijn trotse sterkte; een wolk zal het bedekken en zijn dochters zullen in gevangenschap gaan. 19 Zo zal Ik gerichten voltrekken aan Egypte ; en zij zullen weten, dat Ik de Eeuwige ben. 20 In het elfde jaar, in de eerste maand, op de zevende der maand, kwam het woord van de Eeuwige tot mij: 21 Mensenkind, de arm van Farao, de koning van Egypte, heb Ik gebroken; zie, hij zal niet ter genezing verbonden worden door hem met een zwachtel te omwikkelen, zodat hij weer sterk genoeg wordt om het zwaard te grijpen.
Matit’yahu 12:1 Te dien tijde ging Yeshua op de sabbat door de korenvelden en zijn discipelen kregen honger en begonnen aren te plukken en te eten. 2 Maar toen de Farizeeën dit zagen, zeiden zij tot Hem: Zie, uw discipelen doen wat men op sabbat niet mag doen. 3 En Hij zeide tot hen: Hebt gij niet gelezen wat David gedaan heeft, toen hij en die met hem waren honger kregen? 4 Hoe hij het huis Gods binnengegaan is en zij de toonbroden hebben gegeten, waarvan hij noch die met hem waren mochten eten, doch alleen de priesters? 5 Of hebt gij niet gelezen in de wet, dat op de sabbat de priesters in de tempel de sabbat schenden zonder schuldig te zijn? 6 Maar Ik zeg u: Meer dan de tempel is hier. 7 Indien gij geweten hadt, wat het zeggen wil: Barmhartigheid wil Ik en geen offerande, dan zoudt gij geen onschuldigen hebben veroordeeld. 8 Want de Zoon des mensen is heer over de sabbat. 9 En Hij vertrok van die plaats en ging in hun synagoge. 10 En zie, daar was een mens met een verschrompelde hand. En zij legden Hem de vraag voor, of het geoorloofd is op de sabbat te genezen, om Hem te kunnen aanklagen. 11 Maar Hij zeide tot hen: Wie zou er onder u zijn, die één schaap heeft en die, als dit op een sabbat in een put valt, het niet grijpen zal en eruit trekken? 12 Hoeveel gaat niet een mens een schaap te boven? Derhalve is het geoorloofd op de sabbat wèl te doen. 13 Toen zeide Hij tot die mens: Strek uw hand uit. En hij strekte haar uit en zij werd weder gezond gelijk de andere. 14 En de Farizeeën gingen heen en spanden tegen Hem samen ten einde Hem om te brengen.
Een paar gedachten;
- maar met mijn naam de Eeuwige ben Ik hun niet bekend geweest (6:3). God openbaart zich verdergaand. Dat brengt ook een grotere verantwoordelijkheid met zich mee.
- Zeg derhalve tot de Israëlieten: Ik ben de Eeuwige, Ik zal u onder de dwangarbeid der Egyptenaren uitleiden (I), u redden van hun slavernij (II) en u verlossen door een uitgestrekte arm en onder zware gerichten (III). 7 Ik zal Mij u tot een volk aannemen (IV) en Ik zal u tot een God zijn (V), opdat gij weet, dat Ik, de Eeuwige, uw God, het ben, die u onder de dwangarbeid der Egyptenaren uitleid. 8 En Ik zal u brengen naar het land (VI), (6:6-8).
De verlossing van Israël door God bestaat uit diverse facetten: 1. Uitleiden, dat is heiligen of apart zetten. 2. Redden (van elke soort ‘dwang’arbeid (hoe licht ook), dat is niets wordt er gemist, niets is er gebroken. De Egyptenaren zullen geen enkele authoriteit over je hebben (ook niet buiten Egypte) 3. Verlossen, dat is in de vrijheid zetten (zonder tegenprestatie als borgtocht). 4. Tot volk aannemen (door het geven van de Thora, het doel waar ze voor bevrijd zijn), dat is verantwoordelijk voor hen zijn. 5. Tot een God zijn, dat is in relatie leven met hen. 6. In het land brengen, dat is je zal een woonplaats krijgen, het land Israël als eeuwige erfenis.
- opdat gij weet, dat Ik, de Eeuwige, uw God, het ben, die u onder de dwangarbeid der Egyptenaren uitleid /uitbrengt (6;7). De tijdsvorm die gebruikt wordt geeft aan dat het voortdurend geldt. Ook nu. (Zie de zegening Gezegend bent U, Eeuwige die het brood uit de aarde voortbrengt). Geldt voor het volk Israël en allen die er bij aangesloten zijn.
- Amram nam zich Jokebed, zijn tante (6:20). In de geslachtslijn van diverse grote Godsmannen in de Bijbel komen familierelaties voor die ‘Thoratechnisch’ niet goed zijn. Het verhindert God niet om door nakomelingen ervan, die een verlangen hebben om God te dienen, grote dingen te doen.
- De Eeuwige echter zeide tot Moshè: Zie, Ik stel u als God voor Farao; en uw broeder Aäron zal uw profeet zijn (7:1). Moshè krijgt goddelijke autoriteit om te spreken. Als hij tegen Farao spreekt was het alsof God zelf zou spreken.
- Maar Ik zal het hart van Farao verstokken (7:3) Hierin komt Gods almacht over alle mensen tot uiting. Het verstokken van het hart van Farao staat los van het feit dat hij een vrije wil heeft. De aanvankelijke keuzen van de Farao leidde er toe dat hij niet meer anders kon. Er is een strijd tussen de heerser die als God wil zijn en God die bevrijd. Na het verstokken van farao gaat God door te waarschuwen om het Egyptische volk zelf de gelegenheid te geven tesjoeva te doen.
- Zo zegt de Eeuwige: hieraan zult gij weten, dat Ik de Eeuwige ben: zie, ik zal met de staf die in mijn hand is, op het water in de Nijl slaan; het zal in bloed veranderd worden, 18 en de vis in de Nijl zal sterven, zodat de Nijl zal stinken; dan zullen de Egyptenaren het water uit de Nijl niet kunnen drinken (7:17,18) De Nijl was een afgod van de Egyptenaren en werd met deze plaag voor schut gezet. De Eeuwige laat op een onovertroffen wijze zijn macht over deze afgod zien. Volgens de overlevering vond deze gebeurtenis plaats in het seizoen dat de Egyptenaren van de vis leefde. de Egyptenaren vereerden de Nijl als god (de god die leven schenkt bloed dood). Al de plagen hebben als doel om de almacht van God te laten zien. De farao die zichzelf als God zag zei dat hij de schepper van de Nijl was. God laat zien dat hij totaal geen macht heeft. (Mozes werd uit de Nijl gehaald). De overlevering vertelt dat ook het water uit de putten in bloed veranderde. Alleen dat in Gosen niet.
- De eerste plaag raakte de farao en de mensen niet persoonlijk.
- Maar de Egyptische geleerden deden door hun toverkunsten hetzelfde (7:22). God laat toe dat de tovenaars bepaalde macht hebben. Wonderen zijn niet het bewijs van de ‘ware God’. God is te kennen en laat zich kennen door relatie. Tekenen laten je alleen op de omstandigheden zien. God wil geloofsrelatie.
- indien gij weigert het te laten gaan, zal Ik uw gehele gebied met kikvorsen teisteren (8:2). Kikkers waren voor de Egyptenaren het symbool van oorspronkelijk leven. Ze hadden ook ze een god die werd afgebeeld met kikkerkop (ze zouden uit niets ontstaan). Daarom gebruikt de Eeuwige deze plaag (een afgod die zich tegen henzelf keert). God zet ook deze afgod voor schut. Wil je kikkers aanbidden. Nu hier heb je ze.) God zet zo alle afgoden van Egypte in beheerst tempo een voor een te kijken. Bij de kikvorsen nam de plaag ook geleidelijkerhand toe om ze ook nu weer de gelegenheid te geven zich te bekeren voordat het hen zou raken.
- Maar de geleerden deden hetzelfde door hun toverkunsten, zodat zij kikvorsen over het land Egypte deden opkomen (8:7) De toverkunsten van de afgodendienaars helpt ze alleen maar om verder in de problemen te komen.
- Maar toen Farao zag, dat er verlichting was ingetreden, liet hij zijn hart niet vermurwen en luisterde niet naar hen (8:15). De Farao, als leider van het volk is verantwoordelijk voor alle plagen die over het volk komen.
- En de Eeuwige zeide tot Mozes: Zeg tot Aäron: strek uw staf uit en sla het stof der aarde. (8:16). Nu wordt farao niet gewaarschuwd. Doordat het stof in muggen/luizen veranderde was er ook geen materiaal meer om huizen te bouwen.
- Ook de geleerden deden hetzelfde om door hun toverkunsten de muggen te voorschijn te brengen; maar zij konden het niet (8:18). Uiteindelijk blijken de tovenaars krachteloos te zijn.
- Toen zeiden de geleerden tot Farao: Dit is Gods vinger. Maar het hart van Farao verhardde, en hij luisterde niet naar hen, zoals de Eeuwige gezegd had. 20 En de Eeuwige zeide tot Moshè: Sta vroeg in de morgen op en stel u voor Farao ; zie, hij is gewoon naar het water te gaan, en gij zult tot hem zeggen: zo zegt de Eeuwige: laat mijn volk gaan, om Mij te dienen; (8:19,20) De plagen komen voort uit de genade van God. Iedere keer had Farao gelegenheid om zich te bekeren. Dan komen er ongedierte (schorpioenen, slangen en wilde dieren etc.)
- laat mijn volk gaan, om Mij te dienen; (8:20). Bevrijding van de onderdrukker heeft als doel dat het volk God geheel en al gaat dienen.
- Toen ontbood Farao Moshè en Aharon en zeide: Gaat, offert aan uw God in dit land. Maar Moshè zeide: Het is onmogelijk zo te doen, wij zouden aan de Eeuwige (geen compromissen), onze God, offeren, wat de gruwel der Egyptenaren is. Wanneer wij datgene, wat de gruwel der Egyptenaren is, voor hun ogen zouden offeren, zouden zij ons dan niet stenigen? Wij willen drie dagreizen ver de woestijn intrekken en de Eeuwige, onze God, offers brengen, zoals Hij ons gezegd heeft (8:25-27). Moshè doet geen compromissen in het dienen van God. Alleen zoals God het geïnstrueerd heeft aanvaard hij.
- En de Eeuwige, zeide tot Moshè: Ga tot Farao (9:1). Het is opmerkelijk dat hij iedere keer tot bij de Farao kwam. Deze kon hem op zijn beurt niets doen om God Moshè beschermde.
- Want indien gij weigert hen te laten gaan en hen nog weerhoudt, 3 dan zal de hand van de Eeuwige zijn tegen uw vee (9:2). God waarschuwt ook nu vooraf en laat nu ook weer zien dat de afgoden hem niet kunnen helpen. De Egyptenaren aanbaden drie dieren als god: een met de afbeelding van een koe en twee met de afbeeldingen van een stier. Andere uitleggers geven aan dat ze geteisterd werden met wilde dieren. God geeft het ook nu van te voren aan zodat ze weten dat het geen ‘natuurlijke’ ziekte is.
- En de Eeuwige zal het vee van Israël afzonderen van het vee der Egyptenaren, zodat er geen stuk van het vee dat de Israëlieten bezitten, zal sterven. (9:4). Het volk Israël en hun vee wordt gespaard bij de komende plaag. Ook daarin laat God zijn bewogenheid met Zijn volk zien en laat hij zien dat deze plagen een boodschap hebben voor juist de Egyptenaren. Zie ook 9:26.
- Toen zond Farao heen en zie, van het vee der Israëlieten was zelfs niet een stuk gestorven. Toch bleef het hart van Farao onvermurwbaar en liet hij het volk niet gaan (9:7). God geeft keer op keer een bewijs van Zijn grootheid.
- Dan zal het tot stof over het gehele land Egypte worden, het zal bij mens en dier in het gehele land Egypte tot zweren worden, die als puisten uitbreken (9:9). Ook de god Astarte blijkt machteloos. De oordelen zijn trouwens oplopend in zwaarte. Eerst het het land dan de dieren en dan de bevolking zelf. Ook nu weer laat God zien hoe genadig hij is. Bij bekering is er herstel.
- Zie, Ik zal het morgen om deze tijd zeer zwaar laten hagelen (9:18) Dit laat zien dat de Egyptische luchtgoden ook eigenlijk niets zijn.
- Wie onder de dienaren van Farao het woord van de Eeuwige vreesde liet zijn knechten en zijn vee in de huizen een toevlucht zoeken, (9:20). Ook niet-Israëlieten zijn veilig als ze zich bij het volk Israël aansluiten en later ook mee uittrekken naar Eretz Israël.
- God brengt Zijn volk terug naar Zijn land om er veilig te wonen (Ezech. 28:25,26). Er zal vrede komen in Israël. de Eeuwige regeert !!! De volken die tegen God ingaan zullen geoordeeld worden
- Zo zegt de Eeuwige de Here: Ja, Ik zal de afgoden vernietigen en de schijngoden uit Nof doen verdwijnen (30:13). Alle schijngoden worden net als in Egypte vernietigt.
Tags: Parashat Hashavuah, Shabbat, Thora, Thoralezingen, Va'era
|
|
|
 |
 shabbat shalom, gezegende zondag en week
Religie/Christendom | Zegen
|
20 Januari 2012 | 09:58:19
 |
De toekomst van Israël en de volkeren vinden we in de vele profetieën in de Bijbel. Niet alleen de profetische boeken, maar ook in de Psalmen, de vier evangeliën, in Openbaring, enz.. De Heere raadt ons aan om deze profetieën te lezen en te onderzoeken:
"En wij achten het profetische woord (daarom) des te vaster, en gij doet wèl er acht op te geven als op een lamp, die schijnt in een duistere plaats," (2 Pet. 1:19)
De profetieën geven ons namelijk licht in deze duistere wereld
Ze vertellen ons waar die wereld naartoe gaat en wat onze plaats daarin als kinderen van God moet zijn. Ze geven ons ook "kennis van God en van Jezus, onze Heere" (2 Pet. 1:2,3,8), de kennis die ons genade en vrede brengt. Iets dergelijks lezen we ook in Openb. 1:3: "Zalig hij, die voorleest, en zij, die horen de woorden der profetie..." |
|
|
 |
 Wijsheid en lelijkheid
Religie/Christendom | Zegen
|
17 Januari 2012 | 23:05:41
 |
Wijsheid en lelijkheid (Taanith 7a)
De bijzonder wijze rabbi Jehoschua ben Chananja werd gekenmerkt door buitengewone lelijkheid. Eens riep de dochter van de keizer bij zijn afschrikwekkende aanblik uit: "Jammer, dat zoveel wijsheid in zulk een lelijk vat wordt bewaard". Toen vroeg de rabbi tot haar verbazing: "Waarin bewaart je keizerlijke vader zijn wijn?". Het antwoord luidde: "In aarden vaten". Rabbi Jehoschua antwoordde: "Daarover ben ik nogal verbaasd. Gezien zijn stand, zou je vader voor dit doel zilveren en gouden vaten moeten kiezen". De prinses gaf de rabbi gelijk en drong er bij haar vader op aan zijn wijn voortaan in zilveren en gouden vaten te bewaren. Het gevolg was dat de wijn na betrekkelijk korte tijd zuur werd. Toen de keizer van zijn dochter vernam dat rabbi Jehoschua ben Chananja op dit zonderlinge idee was gekomen, riep hij hem hierover ter verantwoording. De rabbi verontschuldigde zich en zei dat hij slechts de prinses een lesje had willen leren voor haar kwetsende opmerking. Maar de keizer zei: "Maar er bestaan toch ook mooie mensen die door grote geleerdheid uitblinken?" De rabbi antwoordde: " Inderdaad, maar als zij lelijk waren, zouden ze nóg geleerder zijn!".
|
|
|
 |
 DE DAG VAN DE OPNAME (WEGRUKKING)
Religie/Christendom | Zegen
|
15 Januari 2012 | 21:15:38
 |
DE DAG VAN DE OPNAME (WEGRUKKING)
Paul J.M. van Teeffelen
‘....daarna wij, die levend overgebleven zijn, zullen tezamen met hen opgenomen worden IN de wolken, de Here tegemoet, in de lucht.... (1 Tessalonicenzen 4:17)
‘…en aan de vrouw (Israël) zijn gegeven twee vleugelen eens groten arends, opdat zij zou vliegen IN de woestijn, in haar plaats, haar van God bereid…(Openbaring 12:6,14)
De Goddelijke verhuiswagens zullen het op die dag druk krijgen.
Opname Henoch (zie ook Hebreën 11:5).
Laten we eerst zien naar de opname van Henoch.
Genesis 5:24 zegt: ‘En Henoch wandelde met God, en hij was niet meer, want God had hem opgenomen’.
Van het verloren gegane Boek van Henoch werd het meest volledige gedeelte, geschreven in de Ethiopische taal, in Abessinië (thans Ethiopië) eerst in 1773 teruggevonden. Andere (kleinere) vondsten waren geschreven in het Aramees, Hebreeuws, Latijn of Grieks.
Uit de weergevonden delen is een zo volledig mogelijk Boek van Henoch samengesteld.
Uit de teksten van de 2e brief van Petrus en de brief van Judas blijkt dat de toenmalige gelovigen met het Boek van Henoch (en/of het Boek des Oprechten) inzake de geschiedenis en het lot van de gevallen engelen op de hoogte waren, waarbij een enkele verwijzing daarna voor hen voldoende was.
Hoofdstuk 3 van het ‘Boek des Oprechten’, genoemd in Jozua 10:13 en 2 Samuël 1:18, gaat op de opname van Henoch nader in.
In vers 32 wordt gesproken over een dagreis, terwijl vers 36 stelt: ‘en op de zevende dag steeg Henoch in een wervelwind met vurige paarden en wagens ten hemel’.
Hieruit kunnen we concluderen dat de opname van Henoch op dezelfde wijze plaatsvond als de opname van Elia, zoals beschreven in 2 Koningen 2:11.
Beiden stegen in een wervelwind op ten hemel, dat is in een vurige wagen met vurige paarden.
De opname van Henoch vond plaats vóór de zondvloed, terwijl de opname van Elia geschiedde in de tijd tussen Abraham en Christus’1e komst op aarde.
Zowel Henoch als Elia waren profeten van de allerhoogste God (zie ook de brief van de apostel Judas). Deze beide opnamen zijn dus profetisch van aard.
Daarbij is in feite de opname van Elia een herhaling van de eerdere opname van Henoch. Nu zegt Gods Woord dat indien God een uitzonderlijke profetie herhaalt, de zaak voor God vaststaat en spoedig zal geschieden (Genesis 41:32).
Het behoeft geen betoog dat God zowel in de opname van de levende Henoch als in de wegrukking (opname) van de levende Elia vooruitwees naar de opname van Gods volk, op grond van het offer van het onschuldig Lam Gods, de Here Jezus. Gods volk dat zal leven in eeuwigheid en als bestemming het Nieuwe Jeruzalem heeft. Dat is de stad met de fundamenten, waar ook Abraham en anderen naar uitzagen (Hebreën 11:10).
Elia en Elisa (2 Koningen 2:1)
Elia's opname lijkt een van de meest spannende gebeurtenissen.
God Zelf openbaart Elia dat hij niet eerst dood zal gaan maar binnen heel korte tijd levend ten hemel wordt opgenomen.
Als je opname door God Zelf wordt aangezegd, zou je daarvan toch opgewonden raken. En feitelijk nog meer als die opname binnen heel korte tijd staat te gebeuren.
Stel eens voor dat de Here ons zou zeggen dat we morgen levend opgenomen worden, we zouden gewoon niet weten wat we allemaal nog ineens zouden doen. Misschien zouden we de straat opgaan om nog zoveel mogelijk mensen te vertellen van Yeshua (Jezus).
Of we zouden ongelovige familie en vrienden willen waarschuwen. Mogelijk zouden we nog haastje - repje een testament willen maken.
We zouden van spanning beslist niet meer kunnen slapen. Immers, op dat moment zijn we nog in ons sterfelijk lichaam.
Dat was Elia ook. Bovendien was Elia geen super-mens. De apostel Jacobus (5:17) merkt op dat 'Elia slechts een mens was zoals wij'.
Toch raakt Elia door die aanzegging van God helemaal niet opgewonden. Ook zijn opvolger, de profeet Elisa, heeft geen spanning. Evenzo zijn de profeten van Betel en Jericho kalm.
Hoe kan dat?
Heeft dit feit ons -wedergeboren gelovigen uit de volkeren- iets te zeggen?
Wij levenden, die eveneens opgenomen zullen worden en de dag van Jezus' wederkomst zien naderen (Hebr.10:25).
De Here zij geprezen voor Zijn levend Woord. God weet dat we in alle opzichten zwakke mensen zijn. Psalm 103 zegt: 'Want Hij weet wat maaksel wij zijn, gedachtig dat wij stof zijn.
De sterveling - zijn dagen zijn als het gras, als een bloem des velds, zo bloeit hij; wanneer de wind daarover is gegaan, is zij niet meer en haar plaats kent haar niet meer'.
In circa 6000 jaar wereldgeschiedenis is de opname van de gelovigen een eenmalig feit.
Die opname zou -normaal gesproken- een geweldige spanning kunnen oproepen.
Maar daarin heeft God Zelf voorzien. Ook door voor ons de opname van Henoch en Elia te beschrijven.
2 Koningen 2 zegt ons dat alle betrokkenen van de opname weten en volkomen op de hoogte zijn. Dat houdt in dat God Zelf ook voor die korte tijd tot de opname geen spanning, maar Zijn vrede en rust geeft. De profeten van Betel en Jericho zeggen tot Elisa: 'weet ge dat de Here heden uw heer boven uw hoofd zal wegnemen?'.
Het moet Gods Geest zijn, Die zo’n schitterende omschrijving van de aanstaande gebeurtenis geeft. En Elisa antwoordt tot 2 maal toe: 'Ook ik weet het, zwijgt stil’. We zouden wellicht op het allerlaatst nog uiting willen geven aan alles wat ons zo plotseling bezighoudt.
Maar Gods Woord zegt ons dat we stil moeten zijn (Exod.14:14). Alles in Zijn handen leggen. Alles in vol vertrouwen van Hem verwachten. In stil gebed. En niet omkijken naar onze bezittingen (huis, inboedel, geld). Denk aan de vrouw van Lot (die uit Sodom kwam). Er komt een nacht waarin niemand kan werken (Joh.9:4).
Totdat de Here op een teken, bij het roepen van een aartsengel en bij het geklank der bazuin Gods, nederdaalt van de hemel.
Het einde van een wonderlijke dagreis
Er is nog iets wat op het eerste gezicht verbazing wekt.
Zouden wij op de dag van de opname nog een reis ondernemen? Elia wel!
Op de dag waarop de Here Elia in een storm (‘onweer’ zegt de S.V.) ten hemel opneemt, trekt Elia met Elisa van Gilgal, via Betel en Jericho, naar de Jordaan. Zo gaan die twee, wandelende en sprekende. Zo zijn die twee onafscheidelijk.
Het gaat hier om veel meer dan een dagreis. We zullen hier enkele punten aanstippen.
Het einde van de dagreis is één van die geweldige aanwijzingen in Gods Woord met betrekking tot Jezus’ wederkomst.
Het betekent het einde van de reis door deze wereld van Israël en de gemeente, het sluitstuk van de verlossing van Gods volk via 2 wonderbare uitwegen.
Profetisch is Elia het beeld van de gemeente van Christus -de volheid der heidenen- die de Here tegemoet gaat in de lucht. Elisa vertegenwoordigt het volk van Israël, dat op aarde blijft.
Het beeld van de jongste en de oudste broer, die t e n s l o t t e tesamen optrekken. Waarvan het onderscheid is weggenomen door Christus offer aan het kruis van Golgotha. Die -alleen op grond van Gods plan en door Gods genade- onafscheidelijk zullen blijven.
We zien vandaag de dag Israël en de gemeente bepaald nog niet samen optrekken. Maar we krijgen hier een blik in Gods hart. Zoals God Israël en de gemeente ziet. Opdat het zal worden: ‘één kudde en één Herder’.
Laten we er op letten dat Elia -gedurende de dagreis- tot 3 keer toe Elisa vraagt om achter te blijven. Maar Elisa geeft elke keer Gods uiteindelijk doel weer: ‘Zo waar de Here leeft en gijzelf leeft, ik zal u niet verlaten’.
Bij de opname van Elia vraagt Elisa om een dubbel deel van de Geest. Die moeilijke wens zal alleen vervuld worden als Elisa de opname van Elia zal zien. En dat gebeurt.
Profetisch verwijst ons dat naar de 5e aangewezen Hoogtijd van de Here, het feest van het geklank der bazuin (Lev.23:24). De bazuin, die klinkt bij de opname van de gemeente -dat is het einde van het 4e feest, de inzameling die begon met Pinksteren- en die gaat klinken voor Israël.
Zoals Romeinen 11:25,26 en 2 Korinthe 3:13-16 beschrijven, wordt het deksel (bedekking) door de Here van Israël weggenomen.
Daarnaast is zowel bij de opname van de volheid der heidenen als bij de opname van de volheid van Israël de aartsengel (Michaël) betrokken.
Enige tijd voordat de dagreis aanvangt maakt Elia op de berg Horeb verschijnselen mee, die verwijzen naar de Dag des Heren.
Zodra Elia het suizen van een zachte koelte hoort -in die koelte is de Here- omwindt hij zijn gezicht met zijn mantel (1 Kon.19:11-19).
Als Elia de eerste keer bij Elisa komt, is deze aan het ploegen met 12 juk runderen. Elisa bevindt zich op het moment dat Elia de mantel op hem werpt, bij het 12e juk.
Een sprekend beeld van de stammen van Israël en van de 12e stam Benjamin.
Het laatste geslacht dat -zoals Benjamin- als e n i g e in het beloofde land is geboren. Het laatste geslacht van Israël dat de opname van de volheid der heidenen zal meemaken.
Let er op dat de plaatsen van de dagreis (Gilgal, Beth-El en Jericho; Jozua 4:19; 18:21,22,28) –alsmede Jeruzalem en het betrokken deel van de Jordaan- liggen binnen het erfdeel van Benjamin, dat is het laatste geslacht (Matt.24:34). Daarom wijst de dagreis van Elia en Elisa op het laatst der dagen.
Aan het einde van de dagreis slaat Elia met zijn mantel op het water van de Jordaan, zodat dit zich verdeelt. En bij de opname valt de mantel van Elia af.
Het afvallen van de mantel symboliseert de overgangstijd waarbij Israël een dubbel deel van de Geest ontvangt.
De Goddelijke liefde laat op het dubbele deel van de tuchtiging een dubbel deel van het heil volgen (Jeremia 16:18 en Zacharia 9:12).
Elisa raapt de mantel op, die van Elia is afgevallen (2 Kon.2:13). Met deze mantel slaat hij op het water en roept: 'Waar is de HERE, de God van Elia, ja Hij?'. En God is met de achtergebleven profeet Elisa. Opnieuw verdeelt het water zich herwaarts en derwaarts, zodat ook Elisa kan oversteken.
Wonderbare uitweg
Keren we nu terug naar het moment van de opname. Eerder hebben we ons verwonderd over het feit dat Elia -met Elisa- nog een reis onderneemt op de dag van de opname.
Maar het initiatief voor die reis is van God (2 Kon.2:2,4,6).
En zo is het niet uitgesloten dat God dit initiatief herhaalt op de dag van de opname van de wedergeboren gelovigen en van Israël.
Let op: de Here vergelijkt Zijn wederkomst met de dagen van Noach en Sodom (Lukas 17:26 e.v.). Noach met zijn gezin onderneemt een dagreis; zelfs de dieren komen in een dagreis (zie Hebr.tekst Gen.7:11-14) naar de ark.
Zo kon Lot en zijn gezin nog net in een dagreis vluchten naar Soar. (Gen.19:22).
In Matteüs 25:6 klinkt het geroep: Zie de Bruidegom komt; gaat uit Hem tegemoet. Dat is wederom een dagreis.
Ook de Emmaüsgangers ondernemen een dagreis, waarna de Here zich bekend maakt (Lukas 24:13 e.v.).
Overigens: ook Israël zal tenslotte nog een (dag-)reis ondernemen. We bedoelen hier de wonderbare uitweg met de twee vleugelen van een grote arend (Openbaring 12:6,14).
Elia werd opgenomen IN de wolkenwagen. Psalm 68:18 (zie ook Psalm 104) spreekt over 40.000 van die Goddelijke wolkenwagens. In Ezechiël 10:13 zien we dat de Goddelijke wagens een naam hebben, n.l. ‘Werveling’.
Vervolgens staat er in 2 Kon.2:11 geschreven: ‘Elia voer in een storm (als een onweer) ten hemel’ (King James Version: whirlwind).
Hier is zowel sprake van de hemelse ‘wervelstorm’ als van de hemelse ‘Werveling’.
Gelovigen over de gehele wereld zullen op de dag van de opname niet ‘op de wolken’, maar IN de Goddelijke wolkenwagens worden opgenomen, zoals de Staten-Vertaling zegt in 1 Tessalonicenzen 4:17.
IN de vurige wagens, die hen IN een hemelse ‘wervelstorm’ naar de grote ontmoeting met de Here Jezus IN de lucht brengen. De ontmoeting van ‘aangezicht tot aangezicht’.
Profetisch wijst de voetreis op de dag van de opname op de wonderbare uitweg, die de Here Gods volk heeft bereid. Hier is het grote Bijbels voorbeeld: de bijzondere uitweg naar het beloofde land, die de Here geheel Israël bereidde door de Rode Zee (Exod.14:29).
Een wonderbare uitweg, die de tegenstander (satan) niet had verwacht.
Een wonderbare uitweg, die voor de achtervolgende tegenstander (satan) wordt toegesloten, zoals de wateren van de Rode Zee zich weer toesloten nadat geheel Israël aan de andere kant was gearriveerd.
Nu heeft God beloofd om de wonderen en tekenen te herhalen, die Hij deed in de dagen van de exodus (zie o.a. Micha 7:15, en Jeremia 23:7-8). Die herhaling betreft het laatst der dagen.
Zo is voor de volheid van de gemeente de wonderbare uitweg de opname.
Die wonderbare uitweg voor de volheid van Israël volgt later, zoals we nog zullen zien.
Vandaar dat Elia die wonderbare uitweg voor de volheid der gemeente aangeeft door aan het einde van de dagreis met zijn mantel de wateren van de Jordaan te splitsen. Elia en Elisa steken vervolgens over via het ontstane, droge pad (2 Kon.2:8).
Dat is dezelfde droge doorgang als bij de ontsnapping door de Rode Zee (Hebr.11:29).
Daarna sluiten de wateren van de Jordaan zich toe. Als de volheid van de gemeente is opgenomen, blijft Israël op aarde.
Nadat Elia is opgenomen, keert Elisa via de wonderbare uitweg weer terug.
Hij doet dit door de God van Elia aan te roepen. Vervolgens slaat hij met de mantel van Elia weer op het water van de Jordaan, zodat deze zich opnieuw splitst en Elisa oversteekt. Daarna sluit het water van de Jordaan zich weer toe.
Dat is een beeld van Israël, dat op aarde achterblijft nadat de volheid van de gemeente is opgenomen, totdat.....door de Goddelijke zorg de volheid van Israël langs een andere wonderbare uitweg aan de tegenstander ontsnapt.
Zoals gezegd mag Elisa de opname van Elia meemaken en zien. Daarna moet hij de plaats van de opname verlaten en terugkeren.
Dat doet me bijv. denken aan een ‘Omega-programma’ van de E.O. in mei 1997. Een klein Indonesisch meisje van 6 jaar -Rebekka Monningka- werd door God geroepen om het Woord te verkondigen. Ze bracht de blijde boodschap zelfs in stadions met 30.000 tot 50.000 aanwezigen.
Velen zijn tot bekering gekomen omdat ongelovigen de blijde boodschap eerder van een klein meisje begrijpen en aannemen. Bovendien doet God rond dit meisje wonderen en tekenen.
Maar op een dag mocht Rebekka in de hemel komen. Uit haar getuigenis blijkt dat zij kennelijk het hemelse Jeruzalem werd binnengeleid. Alles voltrok zich in een oogwenk. Onuitgesproken gedachten vormden een universele taal. Toen zij naar de Messias gebracht werd, voelde ze Zijn onmetelijke liefde door haar stromen.
Ze wilde helemaal niet meer terug naar de aarde. En toch moest het omwille van Gods plan.
Zo stel ik me ook de gemoedsgesteldheid van Elisa voor. Hij is even geweest bij een hemels gebeuren, dat is de opname in een oogwenk.
Omwille van Gods plan met Israël moet hij die aanraking tussen hemel en aarde weer verlaten. Dat wil zeggen: omdat God een andere, wonderbare opname voor Israël heeft voorbereid.
Wagens en ruiters van Israël
Er is een bijzonder aspect in de uitroep van Elisa. De profeet noemt het Goddelijk vervoermiddel: ‘wagen en ruiters van Israël’ (2 Kon.2:12).
En als Koning Joas op bevel van Elisa een pijl der verlossing des Heren moet afschieten, herhaalt deze Koning dezelfde uitroep: ‘wagen en ruiters van Israël’ (2 Kon.13:14).
Zo wijst de naam die aan de Goddelijke wolkenwagens wordt gegeven op een eindbestemming ten behoeve van Israël, waarbij de afgeschoten pijl op de uiteindelijke verlossing is gericht van Israël.
In 2 Koningen 6:8-23 lezen we dat Elisa met zijn knecht op de berg bij Dothan is. Een sterk leger, bestaande uit paarden en wagens van de Koning van Aram, sluit hen in. De Arameërs bewoonden in die tijd een groot gebied ten noorden van Israël. Het Aramees werd later een wereldtaal. Damascus was de hoofdstad van dit rijk.
De knecht van Elisa ziet de omsingeling en de overmacht van Aram.
Geen ontkomen lijkt mogelijk. De knecht is verschrikkelijk benauwd. Een sprekend beeld van de grote benauwdheid van Israël. Maar Elisa zegt: ‘Vrees niet, want zij, die bij ons zijn, zijn talrijker dan zij, die bij hen zijn’.
Vervolgens gaat de profeet bidden en vraagt de Here de ogen van de knecht te openen. De Here verhoort dat gebed. En dan ziet de knecht dat de berg vol is van vurige paarden en wagens
r o n d o m Elisa.
Als de wereldwijde gemeente -de volheid der heidenen- is opgenomen, zullen de vurige paarden en wagens terugkeren naar Israël (Jes.66:15). Dat is aan het einde van de tijd van ‘Jacobs benauwdheid’.
Immers, de opname van de wereldwijde gemeente is in Romeinen 11:25,26 verbonden aan het wegnemen van de gedeeltelijke bedekking, het behoud van Israël en de (weder-)komst van de Verlosser. Dan worden hun ogen geopend. Israël zal zien ‘dat zij, die bij Israël zijn, talrijker zijn dan zij, die bij hun vijanden zijn’.
De opname van de volheid van Israël
Deze opname geschiedt doordat ‘aan de vrouw (Israël) zijn gegeven twee vleugelen eens groten arends, opdat zij zou vliegen in de woestijn, in haar plaats, door God bereid…….’ (Openbaring 12:6,14).
Hier wordt uitdrukking gegeven aan een omschrijving van de wolkenwagens, die onder aanvoering staan van de aartsengel Michaël (Daniël 12:1).
In de woestijn zal Israël zien r o n d o m Wie dit alles zich voltrekt.
Dan maakt de Messias, de Rots die indertijd reeds in de woestijn met Israël meeging en ook thans meegaat, zich bekend (1 Kor. 10:4 en Zacharia 12:10-14).
Hoewel er sprake is van verschillende tijdstippen, volgt de opname van Israël binnen korte tijd nadat de volheid der heidenen de Here tegemoet gaat in de lucht. Die tijdstippen zijn vermoedelijk vrij kort na elkaar.
Immers, op het allerlaatst gezien, wordt deze volheid der heidenen (1 Tess.4:17) opgenomen direct vóór de Grote Verdrukking, terwijl Israël tijdens de Grote Verdrukking (3½ jaar) is afgezonderd in de woestijn.
Zoals de Here Jezus ons bekend maakt in Matt.24:15 zal eerst de vlucht en vervolgens de opname van Israël zich voltrekken aan het einde van de grote benauwenis, dat betekent bij de aanvang van de Grote Verdrukking.
Dit tijdstip wordt ondersteund door Openbaring 12:6,14 waar sprake is van één tijd, tijden, en een halve tijd of 3½ jaar, waarin de volheid van Israël door God wordt onderhouden in haar plaats in de woestijn, buiten het gezicht van de slang (duivel).
Ook Hosea (2:13) profeteert dat Israël door God naar de woestijn gevoerd zal worden en dat God daar naar haar hart zal spreken.
Het zal hier waarschijnlijk betreffen de Sinaï-woestijn, alwaar Israël indertijd reeds door God werd gevoed met het manna en de kwakkels (bijv. Psalm 78:24 en 105:40).
Blijft de vraag hoe deze plaats van Israël in de woestijn ‘buiten het gezicht van de slang (duivel)’ kan blijven?
Indertijd werd het volk Israël geleid door de Engel des HEREN in de wolk- en vuurkolom. Toen de vijand, de legermacht van Egypte, het volk dreigde te vernietigen, ging de Engel Gods in de wolk- en vuurkolom staan tussen het volk Israël en de vijand. Daarbij was de wolk- en vuurkolom duisternis voor Egypte en licht voor Israël.
Die duisternis was zo diep voor de Egyptenaren, dat de een de ander niet kon naderen.
In die dikke duisternis zal zelfs de mensenmoordenaar vanaf het begin, de vorst der duisternis (satan en zijn demonen), dan in het laatst der dagen niets kunnen onderscheiden.
Wel probeert hij nog Israël door ‘water als een rivier’ (Openb.12:15) te laten verdrinken, maar God laat de aarde die rivier verzwelgen zodat Israël, net zoals indertijd bij de wonderbare doorgang door de Rode Zee, op het droge blijft. En zo zal Israël ‘buiten het gezicht van de slang’ blijven.
Deze opname houdt anderzijds in dat ten tijde van de 3½ jaar van de Grote Verdrukking het ogenschijnlijk door Israël verlaten land (uitgezonderd de inwoners van Jeruzalem) is ingenomen door de heidenen, onder leiding van antichrist en valse profeet.
Zowel het beloofde land als Jeruzalem worden gedurende deze 42 maanden of 3½ jaar vertreden, totdat de tijden der heidenen zijn vervuld (zie Lukas 21:24 en Openbaring 11:2).
Laten we er op letten dat ook hier van een ‘totdat……’ wordt gesproken. Want, Gode zij dank, het vertrappen van het beloofde land en Jeruzalem heeft een einde.
God grijpt in. Als Messias Yeshua op de Olijfberg komt, zullen alle duivelse krachten worden verwijderd, zal de heerlijkheid van de Here de Tempel vervullen, terwijl ‘de aarde zal stralen vanwege Zijn heerlijkheid’ (Ezechiël 43:2).
De wolkkolom en de vuurkolom zullen weer boven de gereinigde stad hangen (Jesaja 4:2-6).
Wedergeboorte
Nadat Elisa is gestorven en zojuist begraven, zijn -vlak naast zijn laatste rustplaats- mensen opnieuw bezig een graf te delven voor een gestorven man (2 Kon.13:20,21).
Plotseling zien de grafdelvers een bende uit Moab naderen. Omdat het graf nog niet klaar is werpen ze de gestorven man zonder meer in het open graf van Elisa en zetten het op een lopen.
Maar dan gebeurt opeens een groot wonder. Op het moment dat de gestorven man in het graf van Elisa wordt gegooid en in aanraking komt met het gebeente van Elisa, wordt de man levend en rijst overeind op zijn voeten.
De Here heeft door de geschiedenis van Elisa het volk Israël willen verzekeren van kracht, genade en levendmaking in het laatst der dagen.
Romeinen 11:12,15 zegt: ‘Betekent nu hun val de rijkdom der wereld, en hun vermindering de rijkdom der heidenen, hoeveel te meer hun volheid’ en ’....wat zal hun aanneming anders wezen dan leven uit de doden’.
En Hosea (6:2) roept uit: ‘Hij zal ons na twee dagen levend maken; op de derde dag zal Hij ons doen verrijzen, en wij zullen voor Zijn aangezicht leven’.
Dat is precies hetgeen ook de Hoofdstukken 37 tot en met 39 van Ezechiël uittekenen. De wedergeboorte, het leven uit de doden, het volkomen herstel van het ganse huis Israël in het laatst der dagen. Eerst naar lichaam. Daarna naar Geest. Want God zal over Israël de bedekking wegnemen en uitstorten de Geest der genade en der gebeden (Zacharia 12:10). Dat is dezelfde Geest der genade, die het onderpand werd van de gelovigen uit de volkeren in de tijd der genade. In de gave van de Heilige Geest is begrepen de opstanding, de onsterfelijkheid en de erfenis.
Daarnaast voorzegt de profeet Ezechiël (39:27,29; 37:25-28): ‘en Ik zal Mijn aangezicht voor hen niet meer verbergen, wanneer Ik Mijn Geest over het huis Israëls zal hebben uitgegoten, spreekt de Here Here......En zij zullen wonen in het land, dat Ik Mijn knecht Jakob gegeven heb....tot in eeuwigheid...Ik zal hun tot een God zijn, en zij zullen Mij tot een volk zijn. En de heidenen zullen weten, dat Ik de Here ben, die Israël heilig, als Mijn heiligdom in het midden van hen zal zijn tot in eeuwigheid'. Zo verzekert de Here in 2 Kron.33:4: 'Te Jeruzalem zal Mijn Naam zijn tot in eeuwigheid'.
Jeruzalem is de stad van de grote Koning (Matt.5:35).
Laten bij dit alles bedenken dat de Here Israël in eeuwigheid bemint (1 Kon. 10:9).
Een sterk verhaal?
Een deel van deze gebeurtenissen vertelde ik eens aan ongelovige kennissen. Hun reactie was: ‘Paul, je vertelt sterke verhalen! Wolken, die mensen gaan vervoeren naar de hemel? Vleugels van een arend die een heel volk in de lucht vervoeren? Dat kan helemaal niet!’.
Toegegeven, het lijkt sprookjesachtig. Het is ook een verborgenheid, zoals de apostel Paulus zegt in Romeinen 11:25.
En wie zijn vertrouwen niet stelt op de weg, de waarheid en het leven (de Here Jezus), kan alleen een sterk verhaal (na-)vertellen.
Daarom is het maar heel goed dat God Zelf ons deze wonderbare gebeurtenissen vertelt in Zijn Woord. Wat een Goddelijke voorzienigheid dat de Heilige Geest ons in alle waarheid leidt.
We zouden het anders ook niet kunnen geloven. Maar voor God is niets te wonderbaar.
‘De verborgenheid des HEEREN is voor degenen, die Hem vrezen (=eerbiedigen)’ getuigt David in Psalm 25:14. Van Hem alleen mogen zowel Israël als de gemeente het verwachten. Zelfs onnoemelijk veel meer dan beide groepen van Gods volk zich kunnen voorstellen.
Laten we bij dit alles bedenken dat het Oude Testament door het Nieuwe wordt verklaard. Alands Greek New Testament noemt alleen al 500 Oud-Testamentische teksten in verband met Openbaring. Ook daaruit spreekt het (profetisch) verband van de gehele Bijbel.
Zoals we gezien hebben, schilderen de gebeurtenissen met Elia en Elisa de periode waarin de volheid der heidenen en de volheid van Israël worden opgenomen. Die periode is een overgangstijd.
In Markus 8:22-26 wordt die overgangstijd benadrukt. Yeshua neemt een blinde bij de hand, brengt speeksel op zijn ogen aan en legt hem de handen op. Vervolgens vraagt Yeshua: ‘Ziet gij iets?’.
De blinde ziet op en zegt: ‘Ik zie de mensen, want ik zie hen a l s b o m e n wandelen’. Hoewel zijn ogen geopend worden, kan de blinde nog lang niet alles nauwkeurig onderscheiden.
Dan raakt Yeshua voor de 2e keer zijn ogen aan. Pas na die 2e aanraking, vanaf dat moment, ziet hij voortaan alles scherp. In 1 Johannes 3:2 staat geschreven: ‘wij zullen Hem zien, gelijk Hij is’.
Vooral in de overgangstijd zijn er nog vragen en is ons kennen onvolkomen.
In die overgangstijd zien we nog ‘bomen’ en weinig détails. Maar het ‘zicht’ gaat hier en daar al langzaam doorbreken. Naar mate de vijgeboom en al de bomen verder uitlopen (Lukas 21:29).
Dan komt het heel nabij.
Totdat.........straks van aangezicht tot aangezicht wordt gezien. Dat geldt zowel voor Israël als voor de gemeente.
Ja, juist ook voor Israël. Want God zal de gedeeltelijke bedekking van Israël wegnemen en de Messias zal zich aan de stammen van Israël bekend maken (Rom.11:25,26 en Zacharia 12:10-14).
Zo zullen ook ‘zij allen, met ongedekte aangezicht de heerlijkheid des Heren aanschouwende, naar hetzelve beeld in gedaante worden veranderd van heerlijkheid tot heerlijkheid, als van des Heeren Geest’ (zie ook 2 Kor.3:13-18). Zelfs de aarde zal gaan ‘stralen’ (Ezech.43:2).
Dan is de weerspiegeling van de heerlijkheid volkomen.
‘Zie, Ik kom spoedig’ verzekert Yeshua, de wortel en het geslacht van David, de blinkende morgenster. De blinkende morgenster is de Ster uit Jakob.
Daarom zegt Petrus (2e brief; 1:19) met het oog op Jezus’wederkomst: ‘En wij achten het profetische woord (daarom) des te vaster, en gij doet wel er acht op te geven als op een lamp, die schijnt in een duistere plaats, totdat de dag aanbreekt en de morgenster opgaat (= opstanding) in uw harten’.
Nog worden allen uitgenodigd: ‘en wie dorst heeft, kome, en wie wil, neme het water des levens om niet’ (Openbaring 22:12,17). Dus het kost niets. De losprijs is betaald voor allen. Op het kruis van Golgotha. Door de Messias. Dan volgt het besluit: ‘Amen, kom, Here Jezus!’.
Tags: Bijbel, Bijbelstudie, Eindtijd, Opname, Paul J.M. van Teeffelen, Studie
|
|
|
|
 |
|